Please download to get full document.

View again

of 8
All materials on our website are shared by users. If you have any questions about copyright issues, please report us to resolve them. We are always happy to assist you.

Dag lief fijn eiland. 23 schrijvers over Texel. Onder redactie van Arnold en Erik van Bruggen

Category:

Magazines

Publish on:

Views: 23 | Pages: 8

Extension: PDF | Download: 0

Share
Related documents
Description
Dag lief fijn eiland 23 schrijvers over Texel Onder redactie van Arnold en Erik van Bruggen Uitgeverij Brandt Amsterdam 2017 Inhoudsopgave Inleiding 7 Logo FSC plaatsen Copyright de betreffende auteurs
Transcript
Dag lief fijn eiland 23 schrijvers over Texel Onder redactie van Arnold en Erik van Bruggen Uitgeverij Brandt Amsterdam 2017 Inhoudsopgave Inleiding 7 Logo FSC plaatsen Copyright de betreffende auteurs Omslagontwerp: Studio Jan de Boer Omslagfoto s: Ruth de Ruwe Typografie: Adriaan de Jonge nur 301/320 isbn Aart van den Brink Waddenzee 11 Nico Dros Op excursie 13 Jan Rot Zomersingle 17 Tessa de Loo Een eigen plek 21 Aart van den Brink Gezicht vanaf de Hoge Berg 29 Threes Anna Het meisje met 31 Erik van Bruggen De bunker 37 Frits van Exter Het duinpad van verwachting 45 Maarten van Rossem Een kleine eeuw Texel 53 Jan Wolkers De Slufter 8 september 1973 (dagboekfragment) 63 Karina Wolkers Ode aan de Slufter 65 Onno Blom Het eiland des doods 71 Aart van den Brink Bramen plukken 79 Judith Ploegman De onbekende 81 Thijs Broer Het walvisprotocol 95 Michael Pye Texel voorbij 107 Arnold van Bruggen Verborgen eiland 119 Imme Dros Dag soldaat, dag mooie soldaat 127 Douwe Draaisma Loodsmansduin 143 Aart van den Brink Springtij 161 5 Lodewijk Dros Echt Tessels 163 Mathijs Deen Het Einde van de Wereld 183 Aart van den Brink Tuinwal 191 Toine Heijmans Stranding 193 Joyce Pool Waterschoentjes 205 John Jansen van Galen Wandelen over Texel 213 Koos Terpstra Weg van Texel 223 Aart van den Brink Boot 231 Inleiding Dag lief, fijn eiland, schreef Jan Wolkers op 31 mei 1969 in zijn dagboek. Hij staat op de boot naar Den Helder en kijkt. De Hors in de mistige zon. Zo mooi. De Mokbaai. Het is onsterfelijk mooi. In 1980 hakte hij de knoop door en verhuisde naar het eiland. Sindsdien is zijn naam onlosmakelijk met Texel verbonden. Dit boek had niet zonder Wolkers gekund. In een kort, nooit eerder gepubliceerd dagboekfragment is te lezen hoe aanstekelijk hij door de Texelse natuur banjert. Zijn vrouw Karina schrijft hoe de Slufter Karina en Jan naar het eiland trok. Een journalist vroeg Jan eens: Gaat u ooit nog van Texel weg? Nee, zei Jan, nooit, alleen als ze de Slufter gaan asfalteren. Die bijna onvoorwaardelijke liefde voor Texel spreekt uit bijna alle verhalen in dit boek. De geur van de bloeiende heide in de duinen, die je nog tot in je studeerkamer achtervolgt. Het louterende duinpad. Het warme wad. Niets zo mooi als gedurende zo n lange stranddag het licht te zien veranderen, tot ten slotte over het hele strand de loomheid van de late middag valt, mijmert Maarten van Rossem. Het spreekt ook uit de gedichten van Aart van den Brink, geboren en getogen op Texel en toen vertrokken. Het eiland komt met me mee, zoals zo vaak als ik vertrok van hier. 6 7 Dag lief fijn eiland is een ode aan Texel door 23 schrijvers. Maar een ode alleen is nooit genoeg. Uit een ode aan Texel zou een euforisch beeld van alleen strand, zee, zon en al die heerlijke geuren en woeste najaarsstormen opduiken. Maar Texel is meer dan die euforie alleen. Iedereen heeft een eigen Texel. Een Texel dat zich centreert rondom de Cocksdorp, de Koog en het Noordzeestrand. Een Texel waarin juist de Wadden of de Hoge Berg centraal staan. Een Texel dat je als toerist beleeft, of waar je kinderen naar school gaan. Een Texel waar je je zorgen vergeet zodra je de boot opstapt, of een Texel waar de dagelijkse zorgen zich juist afspelen. Veel toeristen zullen zich dat laatste moeilijk voor kunnen stellen. Hoe graag ze ook op het eiland komen, hier wonen is voor de meesten een brug te ver. Zo n kleine, afgesloten gemeenschap, zo geïsoleerd. Maar alle (ex-)texelaars en fervente Texelgangers in dit boek spreken met liefde over het eiland. En, zo rond je zestiende kan het ook wat gaan beklemmen. Koos Terpstra, ook hij geboren en getogen op Texel, merkte dat voor hem het mooie Texel van zijn jeugd langzaamaan verdween. Ik zag het niet meer. De bossen niet, de vogels niet, de regenbuien die over het eiland trokken, het verkleurende riet, de groei van de bomen... Ik wilde het zout weer op mijn lippen voelen. Niet als zekerheid, maar als ontdekking. Terpstra vertrok van het eiland, werd gelukkig en kreeg dat gevoel pas veertig jaar later weer terug. Ik wist waarom ik ooit weggegaan was. Omdat ik op deze manier van Texel wilde houden... Ik kon niet wachten om weer terug te gaan. Lodewijk Dros, ook een Texel-emigrant, brengt een ode aan het Texel uit zijn jeugd, maar bekijkt met argwaan de verwording van Texel tot het zeer toeristische eiland anno nu. In zijn jeugd droegen de vis- sersvrouwen nog bontjassen, nu vervoeren veel kotters vooral toeristen. De Texelse taal is uitgestorven en verworden tot een Noord-Hollands dialect. Ach, maar wat de toerist al niet voor Texel betekend heeft. Toerist-veteraan Van Rossem herinnert zich van dat oude eiland vooral het smerige, gele, eigen drinkwater. Het is verleidelijk terug te denken aan een tijd met kleinere hotels, primitievere campings en een veel kleinere infrastructuur dan nu. Als vaste gast betrap ik me erop dat ik wil dat alles ook werkelijk hetzelfde blijft, of liever dat het eiland terugreist in de tijd, schrijft Frits van Exter in zijn bijdrage. Texel roept bij mij ernstige behoudzucht op... Het moet, bevroren in het verleden, mijn geheim blijven. Maar door de toerist kan je lekkerder eten en drinken dan ooit tevoren op het eiland. Zijn overal prachtige fietspaden aangelegd. Natuurlijk is het af en toe lastig. Texel is nu toch echt wel vol, is het algeheel gedeelde gevoel ook onder Texelaars. Maar nog steeds lijken al die auto s die op drukke dagen van de boot af stromen in een mum van tijd op te lossen in het eiland. In Dag lief fijn eiland komen al die verschillende Texels aan bod. Van woest bosfeest tot kalme wandeling. Over duinpad, boterbloem en zilverschoon. Het eiland dat vluchtelingen in haar gemeenschap opneemt en het eiland waar een drenkeling aanspoelt. Misschien staat jouw Texel er ook wel in. Arnold van Bruggen 8 9 Aart van den Brink Waddenzee Het dorp wordt in de zomerzon gebakken We fietsen met z n vieren naar de dijk t Is warm, we nemen naar het wad de wijk om nog een uurtje afkoeling te pakken. Geen oostenwind en zonder ongemakken van zeewier, kwallen, t bruine bodemslijk zal ons het water tijdloos liefdeblijk omhelzen tot wij wild naar adem snakken. Maar vlak voordat de zeedijk wordt bereikt en wij de fietsen in de greppel smakken is er de reuk van rotting. Boven blijkt de ware ramp: het water is aan t zakken Twee meter water nam de ebstroom mee Als messen staan de mosselen in zee. 11 Nico Dros Op excursie Dankzij de temperende werking van de zee loopt het voorjaar op Texel altijd twee à drie weken achter op het vasteland. Voor een liefhebber geeft dat gelegenheid de hoogtijdagen van dit seizoen twee keer te beleven. Dat was de reden waarom ik de eerste week van juni speciaal voor een dag of vier vanuit Amsterdam naar mijn geboortegrond terugkeerde. Het weer hield zich goed en ik had me voorgenomen een lange fietstocht kriskras over het eiland te maken. Toen ik voor vertrek nog een paar boodschappen in Den Burg deed, liep ik mijn broer Jaap tegen het lijf. Hij, blij verrast me te zien, vroeg of ik hem die middag misschien wilde assisteren tijdens een excursie met een schoolklas. Ik weifelde, maar hij herhaalde zijn verzoek met klem. Jaap is al jaren leraar bij wat men in een jong verleden glashelder als het lagere beroepsonderwijs aanduidde. Hij verzorgt er de meest uiteenlopende vakken. De achterliggende jaren ging het om wiskunde, Nederlands, tekenen en handvaardigheid, muziek, geschiedenis, maatschappijleer en natuurkennis. Hij is misschien niet in elk vak bevoegd, maar geeft zijn lessen doorgaans met evenveel geestdrift als pedagogisch vernuft. Jaap had me weleens eerder verteld over zijn uitstapjes 13 op de fiets met leerlingen. Een keer was hij met een klas naar De Dennen geweest. Een van de jongens had met een tak in een bijennest staan poeren en daarna hadden ze allemaal voor hun leven moeten rennen. Een andere keer wilde hij het jonge volkje de zeldzame begroeiing van een stuk tuinwal laten zien. Toen ze daar aankwamen en hij, voorop rijdende, het stopteken maakte en zich omdraaide, zag hij dat een stuk of zeven jongens met fiets en al boven op die broze tuinwal stonden. Het was niet kwaad bedoeld, maar van het lieftallig biotoopje was niet veel meer over. En ooit was op de terugweg van een wel geslaagde excursie plots de pleuris uitgebroken in het peloton. De groep begon te jagen en Jaap op zijn vooroorlogse rijwiel werd weldra gelost. Hij kreeg pas weer aansluiting toen een valpartij in de kopgroep de stoet tot stilstand had gebracht. Deze voorkennis en het feit dat ik niet erg verzot ben op samenklevingen van jeugdig hormoon (vooral niet als het gaat om mannelijk hormoon) deden me serieus aarzelen, maar ten slotte liet ik me vermurwen. Halverwege de middag arriveerde ik op het schoolplein waar Jaap zijn klas juist aan het verzamelen was. Het waren jongens, iets meer dan twintig stuks, tussen de veertien en zestien jaar oud. Ze waren joviaal, grof bewerktuigd, wild en energiek. In het rustieke taaltje van onze vader worden zulke exemplaren als raggende pinkbulletjes bestempeld. Voordat we vertrokken, kregen ze strikte orders van mijn broer. Hij hield ze in het gareel door ze toe te spreken op een toon, waarin ik wijlen onze grootvader van moeders kant terughoorde. Jaap klonk bars maar goedmoedig en dat werkte wonderbaar. We gingen op weg. Jaap reed voorop en ik achterop, en aldus hadden we ze in de tang. Zonder incidenten bereikten we onze bestemming, het landelijke buurtje Driehuizen, ruim twee kilometer ten zuidwesten van Den Burg gelegen. De fietsen werden netjes tegen een damhek geplaatst en de groep ging zitten in een klaverveldje. Het onderwerp betrof de zeldzame bermflora. We gaan zo direct voorzichtig een stuk berm even verderop bekijken, begon Jaap de les. Je vindt er kruipwilg, struikheide en dopheide. Dit is een bodem van arme zandgrond en goddank is er geen kunstmest gestrooid. Vandaar ook dat hier van die prachtige ratelaars groeien. Hij gaf liefdevolle beschrijvingen van planten en kenmerken. Ook had hij het over verschillende soorten boterbloem, de roosachtige tormentil, het zilverschoon, fluitenkruid, wilde peen, berenklauw en brem. Het gezelschap zat opvallend braaf te luisteren, natuurlijk ook omdat ik op achterhand veldwachtertje speelde. We gingen de soorten met eigen ogen bekijken. Plukken van wat dan ook is uit den boze, gaf Jaap ze streng te verstaan. Laat ik het niemand zien doen. En kijk uit waar je loopt, dat je niet alles zomaar vertrapt. Na deze instructie slopen de jongens door de fier ontloken berm - vegetatie, alsof ze eieren zochten. Mijn broer wees de betreffende planten aan, en resumeerde de relevante gegevens. Neem nu je tekenspullen bij de hand en ga je favoriete plant zo nauwkeurig mogelijk naschetsen. Let op de details. Een bijzonder tafereel: Driehuizen in de hoogtijdagen van het voorjaar en dan allemaal jonge kerels die in overgave een bloem of struikje zitten na te tekenen Jan Rot Zomersingle O Heer, geef me geen regenzomer Stop die regenzomer Ik wil geen regenweer Stop dit weer, geef me geen regenzomer Stop die regenzomer Ik wil geen regen meer Stop dit weer, stop dit weer, stop stop dit weer Mijn meissie heeft een appje Dat buienradar heet Ik vind: weer dat heb je Boeit dat als je t weet? Nee, pak je zonneklepje En kniel maar op het kleed Als schietgebed een rapje Tot God of de profeet O Heer, (o heer, o heer) geef me geen regenzomer Stop die regenzomer Ik wil geen regenweer Stop dit weer, geef me geen regenzomer Stop die regenzomer Ik wil geen regen meer Wij zijn vaak met vakantie Aan de Waddenzee Dat scheelt een kwitantie Voor Cannes of St Tropez Da s zonder zon-garantie En werkt het weer niet mee Doe dan m n regendansie In plaats van gvd Een tijdje terug werd ik door een tv-programma benaderd als vip voor een Texel-special, wat naar ik meen een van uw favoriete plekken is. Ik citeer verder: Dan gaat het in dit item om uw relatie met Texel; eventuele binding, herinneringen, mooie plekjes en/of interessante lokaties waar u iets mee heeft; een mooie herinnering, een grote gebeurtenis. Ik begrijp dat u vele malen try-outs hebt gedaan in Klif12, en graag op Texel komt. Middels een voorgesprek kunnen we bepalen wat gespreksonderwerpen kunnen zijn, en daarbij wordt natuurlijk ook gedacht aan wat u nu doet, wat u daarin drijft, hoe het anders is met het verleden en welke ambities u heeft. Maar verder ook favoriete plekjes die u wellicht heeft op Texel. Ik mailde enthousiast terug en vulde het daaropvolgende vragenlijstje in, voor de interviewer: Je doet, hebt vaker, try-outs gedaan op Texel. Altijd in Klif12? Yep, en ook eerder wel op hun Broadway-festival Wat gebeurt er dan rond zo n try-out? Ga je dan een dag eerder naar het eiland bijvoorbeeld? Soms met familie, week een huisje huren Ga je daar naar mooie plekken toe vóór of ná je try-out? 17 18
Similar documents
View more...
Search Related
We Need Your Support
Thank you for visiting our website and your interest in our free products and services. We are nonprofit website to share and download documents. To the running of this website, we need your help to support us.

Thanks to everyone for your continued support.

No, Thanks