Please download to get full document.

View again

of 40
All materials on our website are shared by users. If you have any questions about copyright issues, please report us to resolve them. We are always happy to assist you.

Samenwerking aan Water in Midden- en West-Brabant

Category:

Screenplays & Play

Publish on:

Views: 11 | Pages: 40

Extension: PDF | Download: 0

Share
Related documents
Description
Quick Wins en Lange Termijn Doelen Datum : 24 oktober 2012 Versie: definitief Samenwerking aan Water in Midden- en West-Brabant Inhoudsopgave Samenvatting...2 Inleiding...5 Hfst 1. Meten en monitoren...6
Transcript
Quick Wins en Lange Termijn Doelen Datum : 24 oktober 2012 Versie: definitief Samenwerking aan Water in Midden- en West-Brabant Inhoudsopgave Samenvatting...2 Inleiding...5 Hfst 1. Meten en monitoren...6 Hfst 2. Maaien en baggeren...7 Hfst 3. Reiniging en Inspectie...10 Hfst 4. Drukriolering...12 Hfst 5. Onderhoud...15 Hfst 6. Gegevens op orde...18 Hfst 7. Technische innovaties...22 Hfst 8. Modelberekeningen...26 Hfst 9. Realisatie van maatregelen...30 Hfst 10. Strategieën vgrp...33 Hfst 11. Communicatie...37 Hfst 12. Capaciteit, kosten en potentiële besparingen per plan van aanpak Samenvatting Voor u ligt het projectplan Quick Wins en Lange Termijn Doelen. In dit plan zijn voor werkeenheid 2 van de Samenwerking aan Water in Midden- en West-Brabant een tiental deelprojecten uitgewerkt tot op het niveau van uit te voeren stappen, benodigde middelen en planning. De deelprojecten bestaan uit 6 quick wins en 4 lange termijn doelen. De onderwerpen zijn in onderling overleg tussen de deelnemende gemeenten en waterschap Brabantse Delta bepaald. Op basis van een brede inventarisatie zijn de volgende onderwerpen geprioriteerd: Quick Wins (QW) Deelproject QW1: Deelproject QW2: Deelproject QW3: Deelproject QW4: Deelproject QW5: Deelproject QW6: Meten en monitoren Maaien en baggeren Reiniging en Inspectie Drukriolering Onderhoud Gegevens op orde Lange termijn doelen (LT) Deelproject LT1: Deelproject LT2: Deelproject LT3: Deelproject LT4: Technische innovaties Modelberekeningen Realisatie van maatregelen Strategieën VGRP Potentiële kostenbesparing Voor de tien deelprojecten is bij de deelnemende gemeenten en het waterschap een totaalbudget van 7,8 miljoen exploitatiebudget beschikbaar en 13,8 miljoen investeringsbudget. Uitgaande van een bepaald percentage besparing per deelproject bedraagt de potentiële kostenbesparing respectievelijk 0,6 miljoen en 1,1 miljoen. In totaal is becijferd dat door samenwerking ca. 8% kan worden bespaard. Meten en monitoren Voor de signalering van het optreden van riooloverstortingsgebeurtenissen en het verkrijgen van meer inzicht in het functioneren van rioleringssystemen richten gemeenten meetnetten op. Deze meetnetten bestaan hoofdzakelijk uit waterpeilmeters. Door deze waterpeilmeters grootschalig in te kopen en de installatie, het beheer en de gegevensverwerking te centraliseren kan inkoopvoordeel worden behaald en meer professioneel worden gewerkt. Meten en monitoren leent zich dermate goed voor samenwerking dat het over de grenzen van de samenwerkingseenheden wordt opgepakt. Het centraal opgerichte meetnet grondwater is het bewijs dat een dergelijke grootschalige samenwerking zeker loont. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 10% op het totaal investeringsvolume en 5% op het totale exploitatiebudget. Verder kan een kwaliteitsslag worden gemaakt. Maaien en baggeren In zijn algemeenheid maait en baggert waterschap Brabantse Delta de waterlopen in beheer bij het waterschap en hebben de gemeenten de ontvangstplicht van het maaisel en bagger en verwerken deze. De waterlopen in beheer bij de gemeenten worden meestal in eigen beheer gemaaid en gebaggerd. Daarnaast maait de gemeente wegbermen. Door scheiding van taken, verschillen in beheer en verschillen in maai- en baggerfrequentie worden de werkzaamheden niet altijd even efficiënt uitgevoerd. Om de werkzaamheden onderling beter op elkaar te laten aansluiten en het maaisel en bagger op de meest geschikte locatie te verwerken wordt een gezamenlijk onderhoudsplan stedelijk water opgesteld. Er worden vooraf duidelijke afspraken gemaakt over de kostenverdeling. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 5% op het totaal investeringsvolume en 10% op het totale exploitatiebudget. Reiniging en inspectie De activiteiten reiniging en inspectie van riolering worden hoofdzakelijk door de in eigen regie gemeenten uitgevoerd. De uniforme aard van de werkzaamheden leent zich voor bundeling en uitvoering onder centrale regie. Door kennisuitwisseling kunnen reinigings- en inspectiebestekken worden verbeterd waardoor een betere kwaliteit kan worden behaald. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 0% op het totaal investeringsvolume en 5% op het totale exploitatiebudget. Drukriolering Het beheer en onderhoud van de drukriolering in het buitengebied vindt overwegend versnipperd plaats. Er wordt niet of nauwelijks onderscheid gemaakt naar logische geografische eenheden en elke gemeente heeft zijn eigen onderhoudsdienst en storingsmeldingensysteem. De samenwerkende gemeenten hebben voldoende schaalniveau voor een gezamenlijke aanbesteding van onderhoud en beheer van drukrioleringspompjes en eventuele overname van drukrioleringssystemen. Gelet op de bestaande systemen en lopende contracten zal hierbij sprake zijn van een groeiscenario. Kansen doen zich voor bij vervanging of implementatie van nieuwe systemen. De focus is in eerste instantie gericht op de drukrioleringsgemalen maar kan desgewenst worden verruimd naar de grote(re) gemalen in stedelijk gebied. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 10% op het totaal investeringsvolume en 10% op het totale exploitatiebudget. Onderhoud De gemeenten nemen jaarlijks budget op voor klein en groot onderhoud aan de riolering. Het waterschap neem jaarlijks budget op voor onderhoud aan de afvalwaterzuiveringsinstallatie en de in beheer zijnde waterlopen. Door overeenkomst in te onderhouden objecten kunnen de onderhoudsactiviteiten worden gecombineerd. Hierdoor is een kostenbesparing mogelijk en kan een kwaliteitsverbetering worden gerealiseerd met betrekking tot afhandeling van calamiteiten en storingen. Het behouden of creëren van een werkbare situatie staat hierbij voorop. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 8% op het totaal investeringsvolume en 8% op het totale exploitatiebudget. 2 Gegevens op orde Het beheer van rioleringsgegevens is weerbarstig. Gegevens komen vaak op meerdere plaatsen voor en wijzigingen worden op verschillende plaatsen en niet altijd even consequent doorgevoerd. Hierdoor gaat veel tijd verloren en is sprake van een onzekere basis voor investeringen. Dit is een algemeen probleem. De afgelopen jaren hebben gemeenten en waterschap hard gewerkt aan het updaten van de rioleringsgegevens en de gegevens van het ontvangende watersysteem. De mate van volledigheid van deze gegevens is per gemeente verschillend. Het is nu zaak om deze gegevens in iedere gemeente op globaal hetzelfde peil te krijgen, te standaardiseren en de gegevens op orde te houden (blijvend actualiseren). Het lange termijn perspectief is een situatie waarbij alle partijen toegang hebben tot elkaars beheersysteem, zodat gegevens op slechts 1 plek worden beheerd. Voor de korte termijn is het doel om na te gaan wat nodig is om het lange termijn perspectief te kunnen realiseren. In de tussentijd wordt gestreefd naar een zo actueel mogelijke en gelijkvormige gegevensset voor alle partijen. Dit kan betekenen dat vanuit kostenefficiëntie de ene gemeente via een dienstverleningsverband de gegevens van een andere gemeente gaat beheren. Bij het op orde brengen en houden van de gegevens gaan de kosten uit voor de baten. Uiteraard kunnen wel kosten worden bespaard door individuele initiatieven te bundelen en deze gezamenlijk uit te werken. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 0% op het totaal investeringsvolume en 3% op het totale exploitatiebudget. Technische innovaties Onderzoeksvragen en onderzoeksbudgetten, kennis en capaciteit op het vlak van technische innovaties zijn nog versnipperd aanwezig ook buiten de eigen werkeenheid. Het wiel wordt nog te vaak op meerdere plaatsen tegelijk uitgevonden waarbij de overdraagbaarheid van het onderzoeksresultaat niet altijd even groot is. Door leemten in kennis of gebrek aan kennis kunnen de prestaties van het watersysteem en de waterketen niet tegen de laagst maatschappelijke kosten worden verricht. Door bundeling van onderzoeksvragen, onderzoeksbudgetten, kennis en capaciteit en het stimuleren en coördineren van nieuwe ontwikkelingen ontstaat financieel voordeel, verbetering van kwaliteit en afname van kwetsbaarheid. Om sturing te geven aan technische innovaties wordt een innovatieteam opgericht en een onderzoeksprogramma opgesteld. Enkele mogelijke onderwerpen waarop kan worden samengewerkt zijn scheiding en hergebruik van afvalwaterstromen, terugwinning van grondstoffen/energie uit (afval)water en verbetering van de waterkwaliteit. Het is de bedoeling om ook buiten de eigen werkgrens contact te leggen met onderwijs- en onderzoeksinstellingen en proeftuinen. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 2% op het totaal investeringsvolume en 0% op het totale exploitatiebudget. Modelberekeningen Het functioneren van riolering, oppervlaktewater, grondwater en de afvalwaterzuiveringsinstallatie wordt nog vaak getoetst met separate rekenmodellen. Hierdoor wordt niet of slechts in beperkte mate rekening gehouden met de interactie tussen de verschillende systemen. Het gebrek aan interactie leidt tot suboptimale oplossingen in de zoektocht naar kwantitatieve en kwalitatieve verbeteringsmaatregelen. De samenwerking is in eerste instantie gericht op kennisuitwisseling. Het uiteindelijke doel is uniformering van rekenmethoden en koppeling van rekenmodellen tot één rekenmodel per afvalwaterketen. Op korte termijn wordt hiermee de afhankelijkheid van externe bureaus verkleind (kostenbesparing), op de lange termijn ligt kostenbesparing in het verschiet als gevolg van optimalisatie en kansen voor centrale sturing van afvalwater. Zo kan bijvoorbeeld een betere afweging worden gemaakt tussen de bouw van kostbare bergbezinkbassins, het afkoppelen van verhard oppervlak en maatregelen aan de zuivering of in het oppervlaktewater. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 5% op het totaal investeringsvolume en 0% op het totale exploitatiebudget. Realisatie van maatregelen De uitvoering van maatregelen is nog redelijke sectoraal gericht. Door een meer integrale benadering of een meer gebiedsgerichte benadering kan schaalvoordeel en kwaliteitswinst worden behaald. Een procentuele besparing van enkele procenten op de grote(re) investeringen heeft een groot absoluut effect. Een tweede doel is tijds- en kwaliteitswinst. Door uniformering van programma s van eisen, toetsen en bestekken kan de begeleiding van realisatieprojecten worden versimpeld en beter worden gestuurd op kwaliteit. Hierdoor staan de partijen ook beter gesteld voor de toenemende lengte aan te vervangen riolen. De samenwerking tussen gemeenten is in eerste instantie gericht op rioolvervangingsprojecten. Met het waterschap wordt samengewerkt op het vlak van vervanging en reparatie van transportleidingen. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 8% op het totaal investeringsvolume en 8% op het totale exploitatiebudget. Strategieën vgrp Een verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan (vgrp) bestaat op hoofdlijnen uit een evaluatie, ambitie, strategieën en benodigde middelen. De evaluatie, ambitie en benodigde middelen zijn veelal lokaal gekleurd. Strategieën daarentegen vertonen vanwege het algemene karakter vaak overeenkomsten. Ook in het bestuurlijk traject en de inhoud van een vgrp zitten veel gelijksoortige elementen. Door de kennis en capaciteit te bundelen rondom de overeenkomstige elementen wordt voorkomen dat het wiel op meerdere plaatsen tegelijk wordt uitgevonden en de kwetsbaarheid van de organisaties verkleind. Dit komt de consistentie, kwaliteit en kosten ten goede. Door gemeenten en waterschap in een vroeg stadium te laten samenwerken op beleidsniveau ontstaat ook een betere afstemming in de afvalwaterketen. De samenwerking is in eerste instantie gericht op het gezamenlijk gebruiken en formuleren van strategieën en het opzetten van een blauwdruk voor de inhoud van vgrp s. Hierbij staat een groeimodel voor ogen, waarbij afhankelijk van het aantal deelnemende partijen een kostenbesparing, kwaliteitswinst danwel beiden kan worden gerealiseerd. Het lange termijn perspectief is een bovengemeentelijk (afval)waterplan. Vertrekpunt voor dit plan van aanpak is de situatie waarbij een aantal gemeenten op korte termijn aan de slag gaan met een vgrp. De samenwerking leidt tot een kostenbesparing van naar schatting 8% op het totaal investeringsvolume en 0% op het totale exploitatiebudget. Voor alle deelprojecten is het de bedoeling om vanuit één centraal punt uit te dragen dat wordt samengewerkt en welke voordelen dit met zich meebrengt. Communicatiemomenten zijn o.a. de start van de samenwerking, behaalde mijlpalen door de samenwerking en het eindresultaat. Hiertoe wordt een communicatieplan opgesteld. 3 Planning 4 Inleiding Binnen werkeenheid 2 van het Samenwerking aan Water in Midden- en West-Brabant (SWWB) zijn een aantal quick wins en lange termijn doelstellingen gedefinieerd. Op basis van de top 10 van de deelnemende partijen zijn in gezamenlijk overleg een aantal hoofdpunten benoemd. Hierbij kan het dus zijn dat een onderwerp in eerste instantie niet binnen de top 10 van een deelnemende partij is gekomen maar uiteindelijk wel als uit te werken hoofdpunt is benoemd. Dit heeft geresulteerd in 6 quick wins en 4 lange termijn doelstellingen. Om deze quick wins (2012) en lange termijn doelstellingen ( ) handen en voeten te geven zijn deze beschouwd als deelprojecten. Voor elk deelproject is een plan van aanpak opgesteld. De verschillende deelprojecten zijn in aparte trajecten uitgewerkt en in dit document samengebundeld. Het betreft de volgende deelprojecten: Quick Wins (QW) Deelproject QW1: Deelproject QW2: Deelproject QW3: Deelproject QW4: Deelproject QW5: Deelproject QW6: Lange termijn doelen (LT) Deelproject LT1: Deelproject LT2: Deelproject LT3: Deelproject LT4: Meten en monitoren Maaien en baggeren Reiniging en Inspectie Drukriolering Onderhoud Gegevens op orde Technische innovaties Modelberekeningen Realisatie van maatregelen Strategieën vgrp: hemelwater, grondwater en stedelijk afvalwater Voor zowel de quick-wins als de lange termijn doelstellingen is een projectteam samengesteld. Het projectteam voor de lange termijn doelstellingen bestaat uit de volgende personen: Henny Bron (waterschap Brabantse Delta) Martijn Klootwijk (gemeente Breda) Ad Sweere (waterschap Brabantse Delta) Kees Schrauwen (gemeente Etten-Leur) Gerard Vrolijk (gemeente Alphen-Chaam) Het projectteam voor de quick wins bestaat uit de volgende personen: Rene van Bedaf / Marco Splinter (gemeente Rucphen) Jan Braspenning (gemeente Baarle-Nassau) Bas Hoefeijzers (gemeente Breda) Karin Moll (waterschap Brabantse Delta) Martijn Klootwijk (gemeente Breda) Martijn Klootwijk heeft de afstemming tussen de quick wins en de lange termijn doelstellingen gecoördineerd. 5 Hfst 1. Meten en monitoren Het meten en monitoren is in dit plan van aanpak niet uitgewerkt tot op het niveau van de andere quick wins en lange termijn strategieën. Meten en monitoren leent zich dermate goed voor samenwerking over de grenzen van de samenwerkingseenheden heen dat dit een gezamenlijke uitwerking behoeft. Het centraal opgerichte meetnet grondwater is het bewijs dat een dergelijke grootschalige samenwerking zeker loont. Dit plan van aanpak is uitgewerkt door waterschap Brabantse Delta (Guy Henckens) en de Breda (Bas Hoefeijzers). Bij de verdere uitwerking van dit plan vaan aanpak zijn betrokken Waterschap Brabantse Delta en de gemeente Breda. In onderstaande tabel zijn de investeringsuitgaven en exploitatiekosten samengevat weergegeven voor 2012 en de periode daarna. In percentages is de verdeling van de budgetten ten opzichte van het totaalbudget weergegeven. De interne tijdsbesteding is begroot op 180 uur. Planning: 6 Hfst 2. Maaien en baggeren Initiatief Uit de inventarisatie is gebleken dat alle partijen graag de mogelijkheid onderzoeken op het gebied van samenwerking bij de verwerking van bagger en maaisel (zie tabel). Initiatieven: onderdeel Taken WBD A- C B- N BR E- L RU ZU Operationeel Verwerking bagger X X X X X X X Verwerking maaisel X X X X X X Probleemstelling In de huidige situatie is de ontvangstplichtige gemeente verantwoordelijk voor de ontvangst, verwerking en mogelijke acceptatie van maaisel en bagger. De gemeente geeft aan hoe het maaisel en de bagger door het waterschap moeten worden aangereikt. Het waterschap is uitvoerend en rekent voor haar deel als zodanig slechts met uitvoeringskosten. Door de scheiding van taken kan het voorkomen dat de aanpak minder efficiënt verloopt. Zo kan het bijvoorbeeld voorkomen dat een categorie A-waterloop door het waterschap wordt gemaaid, het talud door gemeente en een nabij gelegen B-waterloop ook door de gemeente op 3 verschillende dagen. Ook zijn er gemeenten die zelf een aantal waterlopen en taluds maaien en zijn er verschillen in bekostiging van het baggeren. Doel Het doel van de samenwerking is maaien en baggeren integraal te beschouwen zowel binnen als buiten de stads- of dorpsgrens. Hierdoor ontstaan lagere kosten, efficiencywinst en mogelijkheden tot hergebruik. Afbakening Maaien Het waterschap maait zelf de categorie A-waterlopen of laat deze maaien. De gemeenten maaien een deel van de B- en C- waterlopen en in sommige gevallen de taluds van categorie A-waterlopen in het stedelijk gebied. In principe wordt het maaisel door het waterschap op de kant gezet en voert de gemeente dit af. De verwachting is dat er efficiënter kan worden samengewerkt bij het maaien van de categorie A-, B- en (eventueel) C- waterlopen. Hierbij valt te denken aan het combineren van maaibestekken en combineren van verschillende maaiwerkzaamheden op 1 locatie. Uitgangspunt is om de huidige (verschralings-) beleid/ wijze/ frequentie van maaien door de verschillende partijen niet aan te passen, maar de uitvoering efficiënter te maken. Om een betere afstemming te verkrijgen met betrekking tot het maaien van wegbermen en aanliggende waterlopen. Door de planning hiervan en het mogelijk conflicteren van bijvoorbeeld verschralingsbeleid in relatie tot het maaionderhoud van de langs wegen gelegen (A-B-C) waterlopen is het raadzaam ook dit aspect in het project te betrekken. Uitgangspunt is om de huidige (verschralings-) beleid/ wijze/ frequentie van maaien door de verschillende partijen niet aan te passen, maar de uitvoering efficiënter te maken. Baggeren Voor het baggeren geldt ongeveer hetzelfde als voor het maaien. Het waterschap baggert indien nodig de categorie A- waterlopen. Dit gebeurt in een cyclus van ongeveer 6-8 jaar. Met name Breda baggert zelf een deel van het stedelijk water (de siervijvers), Baarle-Nassau baggert niet en Rucphen eens per 8 jaar. Etten-Leur baggert tot op heden op ad-hoc basis. Etten- Leur stelt momenteel een beheerpan sloten op waarin planmatig baggeren wordt meegenomen. Hierbij wordt aangesloten bij de pilot met het baggerplan van het waterschap. Deze pilot is al een vorm van samenwerking. Vergaande samenwerking wordt mogelijk geacht op het gebied van het baggeren van A-B-C- waterlopen voor met name het waterschap en de gemeente Breda en Etten-Leur. Thans baggert het waterschap de siervijvers en B-waterlopen niet. De verwachting is dat samenwerking op dit gebied een besparing kan opleveren. Verwerken van bagger en maaisel De verwachting is dat vergaande samenwerking op het gebied van slib- en maaiselverwerking winst op kan leveren. Als voorbeeld: In de huidige situatie wordt het meeste baggerslib en maaisel afgevoerd naar een erkende verwerker. De kosten voor niet vervuild baggerslib bedragen ca. 25,-/m3. Het afvoeren naar een weilanddepot kan ongeveer 10,-/m3 goedkoper, mits de transportafstand niet te groot wordt. Voor maaisel gelden vergelijkbare potentiële kostenbesparingsmogelijkheden. Etten-Leur heeft een composteringsinrichting (met private exploitatie) voor maaisel. In Breda komt een composteringsinrichting. Wellicht is een lucratieve en milieutechnis
Search Related
We Need Your Support
Thank you for visiting our website and your interest in our free products and services. We are nonprofit website to share and download documents. To the running of this website, we need your help to support us.

Thanks to everyone for your continued support.

No, Thanks