Please download to get full document.

View again

of 39
All materials on our website are shared by users. If you have any questions about copyright issues, please report us to resolve them. We are always happy to assist you.

COMMISSIE VOOR DE INFRASTRUCTUUR, HET VERKEER EN DE OVERHEIDSBEDRIJVEN COMMISSION DE L'INFRASTRUCTURE, DES COMMUNICATIONS ET DES ENTREPRISES PUBLIQUES

Category:

Comics

Publish on:

Views: 13 | Pages: 39

Extension: PDF | Download: 0

Share
Related documents
Description
COMMISSIE VOOR DE INFRASTRUCTUUR, HET VERKEER EN DE OVERHEIDSBEDRIJVEN van WOENSDAG 17 MEI 2017 Namiddag COMMISSION DE L'INFRASTRUCTURE, DES COMMUNICATIONS ET DES ENTREPRISES PUBLIQUES du MERCREDI 17 MAI
Transcript
COMMISSIE VOOR DE INFRASTRUCTUUR, HET VERKEER EN DE OVERHEIDSBEDRIJVEN van WOENSDAG 17 MEI 2017 Namiddag COMMISSION DE L'INFRASTRUCTURE, DES COMMUNICATIONS ET DES ENTREPRISES PUBLIQUES du MERCREDI 17 MAI 2017 Après-midi La réunion publique de commission est ouverte à heures et présidée par Mme Karine Lalieux. De openbare commissievergadering wordt geopend om uur en voorgezeten door mevrouw Karine Lalieux 01 Question de Mme Karine Lalieux au ministre de la Mobilité, chargé de Belgocontrol et de la Société Nationale des Chemins de fer Belges, sur le Comité de concertation sur le survol de Bruxelles (n 18143) 01 Vraag van mevrouw Karine Lalieux aan de minister van Mobiliteit, belast met Belgocontrol en de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen, over de bijeenkomst van het Overlegcomité over de vluchten boven Brussel (nr ) Karine Lalieux (PS): Monsieur le ministre, ma question date un peu mais ce n'est pas votre faute. C'est moi qui n'ai pas su me rendre dans cette commission les dernières fois qu'elle s'est tenue. Elle concerne le survol de Bruxelles et les suites du comité de concertation du 19 avril Je souhaiterais qu'on fasse le point ensemble. Je rappelais simplement qu'il fallait respecter les heures de sommeil des Bruxellois de 22 h 00 à 7 h 00 du matin, les normes de vent et les zones les plus peuplées. Monsieur le ministre, est-il exact que vous n'aviez pas de mandat du gouvernement fédéral lors du dernier comité de concertation pour faire des propositions aux entités fédérées? Avez-vous, depuis lors, repris les négociations au sein du gouvernement fédéral et avec les entités fédérées? Quelles sont vos propositions pour aboutir? Enfin, quel est l'état des négociations afin de mettre en place une autorité de surveillance? François Bellot, ministre: Chers collègues, madame la présidente, avant toute chose et pour être précis, quant à des affirmations qui me sont prêtées, je rappelle que le comité de concertation se tenait à la suite du conflit d'intérêts déclenché par la Flandre sur la suppression de la tolérance des normes sonores de la Région bruxelloise. Les normes relatives au bruit ne rentrent pas dans le champ de mes compétences mais de celles des Régions. Dans le dossier plus général du survol des alentours de Bruxelles-National, je prends mes responsabilités et travaille, avec mon équipe, à une solution globale et équitable. Pour ce faire, des discussions ont lieu avec mes collègues fédéraux et nos cabinets respectifs. Lors du dernier comité de concertation, j'ai donc proposé aux Régions, et en parallèle aux discussions fédérales, de maintenir la concertation interfédérale organisée au sein de mon cabinet en proposant quatre nouveaux groupes de travail. Une réunion a eu lieu au sein de mon cabinet le 10 mai, afin de définir la méthode et un agenda de travail. Après consultation de mes collègues fédéraux, une invitation à de nouveaux groupes de travail sera envoyée aux différents interlocuteurs régionaux. Concernant l'autorité indépendante de contrôle, celle-ci fait partie d'un plan global et équitable qui permettra de solutionner la problématique de façon durable à l'aide d'outils techniques, institutionnels, opérationnels et juridiques. La création d'une telle autorité nécessite également le concours des Régions et fera l'objet d'un accord de coopération. 01.03 Karine Lalieux (PS): Monsieur le ministre, je vous remercie. Le 10 mai dernier, il y a eu une proposition de méthode de travail et un agenda. Et, si j'ai bien compris, depuis lors, il n'y a plus rien eu. Attendez-vous le retour des groupes de travail? François Bellot, ministre: Non! On a défini la méthode et l'agenda de travail. Maintenant, les groupes de travail sont planifiés Karine Lalieux (PS): Vous avez une idée du délai? François Bellot, ministre: Trois semaines, un mois! 02 Samengevoegde vragen van - mevrouw Annick Lambrecht aan de minister van Mobiliteit, belast met Belgocontrol en de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen, over de ondermaatse bereikbaarheid van Zeebrugge met de trein (nr ) - mevrouw Annick Lambrecht aan de minister van Mobiliteit, belast met Belgocontrol en de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen, over gebrekkige informatie in het station Zeebrugge (nr ) 02 Questions jointes de - Mme Annick Lambrecht au ministre de la Mobilité, chargé de Belgocontrol et de la Société Nationale des Chemins de fer Belges, sur la desserte insuffisante de Zeebrugge par le train (n 18151) - Mme Annick Lambrecht au ministre de la Mobilité, chargé de Belgocontrol et de la Société Nationale des Chemins de fer Belges, sur l'information lacunaire en gare de Zeebrugge (n 18503) Annick Lambrecht (sp.a): Mijnheer de minister, de zomer staat voor de deur, waarin de Belgische kust een massa aan toeristen zal ontvangen. Deze toeristen maken gebruik van het openbaar vervoer en nemen vaak de trein om naar hun bestemming te reizen. De treinregeling is consulteerbaar op de NMBS-website, waar men perfect de route van punt A naar punt B kan plannen. Als iemand zoekt hoe hij met de trein vanuit het binnenland naar het station Zeebrugge-Dorp kan komen op een werkdag, wordt door de NMBS-website aangeraden om naar Blankenberge of Knokke af te reizen met de trein en van daaruit de tram naar station Zeebrugge-Dorp te nemen. In slechts enkele gevallen wordt de persoon aangeraden om effectief de trein naar station-zeebrugge te nemen. ln het weekend is het nog veel erger aangezien er dan helemaal geen trein rijdt naar Zeebrugge-Dorp, maar enkel naar Zeebrugge-Strandwijk. Mensen worden naar Oostende of Wenduine gestuurd om zo naar Zeebrugge te kunnen reizen. Elke rit is anders via de website. De ene keer moet men bus en tram nemen, andere keren trein en tram en dit naar verschillende bestemmingen. De kakofonie op de NMBS-website maakt het ingewikkeld voor de reizigers om naar Zeebrugge te reizen, waardoor velen zich dit zullen ontzien. Er zijn te weinig treinen naar Zeebrugge, zeker in het weekend, waardoor toeristen worden aangezet om toch eerder naar de omliggende kuststeden te gaan en niet naar Zeebrugge, wat nefast is voor het toerisme in Zeebrugge. Mijnheer de minister, mijn voorstel is om de treinen naar Zeebrugge-Strandwijk volgens hetzelfde stramien te laten rijden als de treinen van en naar Knokke-Blankenberge. Deze treinen zouden zich in Brugge kunnen opsplitsen: een deel naar Zeebrugge-Strandwijk en een ander deel naar Zeebrugge-Dorp of Oostende en bij de terugrit in Brugge koppelen richting binnenland. Toeristen/reizigers moeten minder overstappen en het toerisme voor Zeebrugge zal toenemen aangezien er regelmatiger treinen van en naar Brugge rijden. Mijnheer de minister, ik heb twee vragen. Ten eerste, hoe staat u tegenover mijn voorstel? Ten tweede, bent u van plan om initiatieven te nemen om het treinaanbod naar Zeebrugge te verbeteren? Zo ja, welke? La présidente: Vous avez deux questions, Mme Lambrecht. Tu veux les poser ensemble? Annick Lambrecht (sp.a): Mijnheer de minister, in navolging van mijn vraag over de onduidelijkheden en de slechte bediening vanuit station Zeebrugge-Dorp en Zeebrugge-Strand, wil ik ook even uw aandacht vestigen op de gebrekkige informatie aan beide stations. De regeling voor de nieuwe treinverbindingen is soms al voor de regelmatige gebruikers verwarrend, voor toeristen en eenmalige gebruikers is het al helemaal onduidelijk hoe de regeling in elkaar zit. In het verleden is die problematiek al een aantal keer aangekaart bij de NMBS. Als reactie daarop werden er infoborden geplaatst, maar die staan helemaal niet in het gezichtsveld en zijn ook niet altijd begrijpelijk, al zeker niet voor mensen met een andere taalachtergrond. Vooral dat anderstalig aspect kan zeer nuttig zijn, aangezien er steeds meer toeristen vanuit de cruiseschepen gebruik willen maken van de trein om vanuit Zeebrugge naar Brugge te reizen. Mijnheer de minister, is het mogelijk om de reizigers beter in te lichten over de treinregeling vanuit station Zeebrugge-Dorp en Zeebrugge-Strand? Kunnen de informatieborden op een betere plek geplaatst worden, zodat ze beter zichtbaar zijn? Kan die informatie ook in andere talen ter beschikking van toeristen worden gesteld? Minister François Bellot: Beste collega, de routeplanner op de website van de NMBS gebruikt een vast algoritme en toont daarbij steeds de snelste route. De resultaten geven de verschillende verkeersmodi weer om op de gevraagde bestemming te geraken. Indien klanten enkel de verbindingen met de trein willen zien, dan kunnen zij de filter gebruiken. De NMBS laat mij weten dat zij momenteel werkt aan een nieuwe site met een nieuwe routeplanner die gemakkelijker en klantvriendelijker is. Die nieuwe ontwikkeling wordt momenteel met enkele klanten uitgetest. Volgens de NMBS is het splitsen van treinen in Brugge tijdrovend. Bovendien wordt dat door de klanten als storend ervaren. Als de NMBS koppelingen of splitsingen van treinen schrapt, dan doet zij dat in het belang van haar klanten die in dit geval vooral de reistijd naar de kust belangrijk vinden. In de zomermaanden worden de treinen afgeleid naar de halte Zeebrugge-Strand in plaats van naar het centrum van Zeebrugge. De NMBS legt uit dat die keuze gemaakt werd precies om de bezoekers van de kust een meer aantrekkelijke treinverbinding aan te bieden. Bovendien blijkt dat van alle kustgemeentes tussen Oostende en Knokke Zeebrugge het minst treinreizigers aantrekt. Daarbij komt ook dat de kusttram Zeebrugge vlot bedient. De NMBS verduidelijkt dat er hier dan ook keuzes gemaakt moeten worden en dat zij momenteel niet van plan is haar aanbod te verruimen. Wat de gebrekkige informatie aan het station van Zeebrugge betreft, laat de NMBS mij weten dat er in Zeebrugge-Dorp en -Strand geen elektronische informatieschermen zijn. Elektronische informatieschermen worden pas geplaatst vanaf een bepaald aantal reizigers. In Zeebrugge-Dorp en in Zeebrugge-Strand zijn al kaders met de dienstregeling en werfinfo beschikbaar vlak bij de toegang tot het perron. Conform de taalwetgeving afficheert de NMBS in haar kuststations de reizigersinformatie in het Nederlands Annick Lambrecht (sp.a): Mijnheer de minister, men zegt dat er weinig reizigers zijn en dat men het daarom niet doet, maar er zijn weinig reizigers omdat er veel te weinig treinen zijn. Het is eigenlijk een beetje in een rondje draaien. Ik weet dat u daar persoonlijk misschien niet veel aan kunt doen, maar ik neem het de NMBS wel een beetje kwalijk omdat wij zo nooit vooruit zullen geraken. Ik ben ervan overtuigd dat, als er meer treinen zouden zijn, er meer reizigers zouden zijn. Het is uiteraard zeer correct wat u zegt over de taalwetgeving in verband met het Nederlands, maar men moet ook meegaan met de tijd. Er komen nu eenmaal duizenden cruisereizigers per jaar. Zij praten geen Nederlands, maar Engels. Ik vind het een zeer stugge, logge attitude van de NMBS, die toch iets meer zou moeten meegaan met haar tijd, maar, nogmaals, mijnheer de minister, ik neem u dat niet echt kwalijk. Ik zou willen dat de NMBS het u een beetje gemakkelijker maakt, want wij moeten de vragen hierover wel aan u stellen. 03 Vraag van de heer Stefaan Van Hecke aan de vice-eersteminister en minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, belast met de Regie der Gebouwen, over de kost van de vernieuwing van het rijbewijs voor MS-patiënten (nr ) 03 Question de M. Stefaan Van Hecke au vice-premier ministre et ministre de la Sécurité et de l'intérieur, chargé de la Régie des Bâtiments, sur le coût du renouvellement du permis de conduire pour les patients atteints de sclérose en plaques (n 18169) Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): Mijnheer de minister, ik had deze vraag gericht aan de minister van Binnenlandse Zaken, maar hij heeft ze naar u doorgestuurd. Ik ben benieuwd naar de reden daarvoor. MS-patiënten krijgen in ons land een aantal bijkomende voorwaarden opgelegd voor hun rijbewijs, afhankelijk van hun fysieke beperkingen. Die zijn bepaald in bijlage 6 van het KB van 23 maart Zo heeft het vaak een beperkte geldigheidsduur. Men krijgt bijvoorbeeld maar de toestemming om gedurende twee jaar een voertuig te besturen. Om de twee jaar moet de patiënt dus opnieuw een rijexamen afleggen. Het is zo geregeld dat die examens kosteloos kunnen worden afgelegd. De prijs voor de vernieuwing van het rijbewijs aan het loket van het gemeentehuis moet wel elke keer opnieuw worden betaald. Daarover gaat mijn specifieke vraag. De redenering die de Gewesten volgen, namelijk het kosteloos afleggen van het examen, wordt blijkbaar niet gevolgd op het federale niveau, wat de uitreiking van het rijbewijs betreft. Vindt u het logisch en billijk dat, in het geval dat burgers hun rijbewijs vaker moeten vernieuwen dan normaal, wegens medische reden, zij daarvoor telkens weer een vergoeding moeten betalen? Zo neen, hoe wilt u dat euvel verhelpen? Tegen wanneer zou u het probleem willen aanpakken? Minister François Bellot: Beste collega, overeenkomstig artikel 61, tweede lid, van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 wordt voor de hernieuwing om redenen van medische of psychische geschiktheid van een voorlopig rijbewijs of een rijbewijs geldig voor de categorieën AM, A1, A2, A, B, B+E of G geen retributie geheven. Die uitzonderingen op de retributieregeling inzake de rijbewijzen geldt evenwel niet voor de hernieuwing van rijbewijzen voor bezoldigd vervoer of voor de categorieën C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D, D+E, wanneer het rijgeschiktheidsonderzoek enkel daarop betrekking heeft. Voorzitter: Gilles Foret. Président: Gilles Foret. Het is wel mogelijk dat de gemeente nog een gemeentetaks vraagt voor haar administratieve kosten. Het zal dus van elke gemeente afhangen of die, in de gevallen hierboven bedoeld, nog een gemeentetaks zal aanrekenen Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): Mijnheer de minister, als ik het goed begrijp is er wel een juridische basis om die vrijstelling te geven, maar als men moet betalen hangt dit louter af van een beslissing van de gemeente? Ja. Geldt dit ook voor rijbewijs B, want u hebt een opsomming gegeven van de rijbewijzen? Minister François Bellot: C, CE, C1+E, C1, D, D1, D1+E en D+E Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): Maar rijbewijs B valt daar niet onder? Minister François Bellot: Neen Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): Er is dus geen uitzondering voor rijbewijs B. Daarover gaat het net. Het gaat over het rijbewijs B, het klassieke rijbewijs. Zou het niet aangewezen zijn dat de uitzondering ook wordt doorgetrokken naar rijbewijs B? Dat is immers de situatie waarmee een MS-patiënt wordt geconfronteerd Minister François Bellot: Dat is juist. In het KB is bepaald dat er geen retributie is voor categorie B en voor AM, A1, A2, A, B, B+E of G Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): U was begonnen met C, C1, C1+E. Dus als er toch moet worden betaald is het een lokale beslissing en federaal is het vrijgesteld. 04 Questions jointes de - M. Gautier Calomne au ministre de la Mobilité, chargé de Belgocontrol et de la Société Nationale des Chemins de fer Belges, sur le projet du budget mobilité (n 18174) - M. Jef Van den Bergh au ministre de la Mobilité, chargé de Belgocontrol et de la Société Nationale des Chemins de fer Belges, sur la vision du budget mobilité (n 18378) 04 Samengevoegde vragen van - de heer Gautier Calomne aan de minister van Mobiliteit, belast met Belgocontrol en de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen, over het mobiliteitsbudget (nr ) - de heer Jef Van den Bergh aan de minister van Mobiliteit, belast met Belgocontrol en de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen, over de visie op het mobiliteitsbudget (nr ) Gautier Calomne (MR): Monsieur le ministre, présentée en son temps comme une alternative à la voiture de société, la réflexion sur le projet du budget mobilité a quelque peu évolué ces dernières semaines. Ainsi, le Conseil central de l Économie et le Conseil national du Travail ont récemment émis un avis commun sur la thématique. Ceux-ci ont plaidé en faveur d un scénario hybride où le travailleur, dans la mesure où il accepterait librement de renoncer à son véhicule de société, bénéficierait d un package reposant, au choix, sur des moyens de transports durables : une voiture plus petite et moins polluante, un accès aux transports publics ou un solde financier qui, non consacré à la mobilité, pourrait être versé en cash. Interrogé à ce sujet, vous avez déclaré, et je vous cite: Le Conseil central de l Économie fixe des recommandations tout à fait pertinentes. Cela va dans le bon sens en termes de développement durable . Pour autant, la question du budget doit encore être affinée et définie car, et je vous cite à nouveau, Il faut de la flexibilité. Il faut éviter l effet d aubaine où le cash pourrait être qualifié en revenus professionnels À cet égard, le 3 mai dernier encore, vous avez indiqué devant cette commission: Je tiens à ce que le budget mobilité qui sera confectionné s inscrive dans une politique intégrée de mobilité durable. Les modalités de ce budget restent cependant encore à définir . À ce titre, votre collègue le ministre des Finances aurait commandé une étude pour dresser le cadre réglementaire d'une compensation financière au comptant contre l'abandon d'une voiture de société. Monsieur le ministre, comme vous le savez, mon collègue Gilles Foret et moi, nous suivons cette question avec attention. Nous aurions aimé avoir des éléments de réponse aux questions suivantes. Pourriez-vous nous communiquer, dans les grandes lignes, les recommandations qui vous ont été formulées et nous indiquer les pistes qui, à ce stade, recueillent votre préférence? Quel est, à ce stade, l état du chantier du budget mobilité? Certaines avancées ont-elles été engrangées sur le plan de la réflexion globale? Qu en estil de la concertation avec les partenaires sociaux sur ce dossier? Enfin, quel est le calendrier prévu pour aboutir dans ce dossier? Qu'en est-il des concertations avec votre collègue en charge des Finances, le ministre Van Overtveldt? Jef Van den Bergh (CD&V): Mijnheer de minister, momenteel lopen er gesprekken over de invoering van een mobiliteitsbudget. Op zich is het natuurlijk een goede zaak dat er naast de bedrijfswagen een alternatief komt om de mobiliteit van werknemers in te vullen. Het voorstel dat momenteel wordt bediscussieerd, lijkt evenwel grondig te verschillen van het voorstel dat wij een aantal jaar geleden al lanceerden, waarmee men een virtuele portefeuille zou krijgen om zijn mobiliteit in te vullen. Hetgeen voorligt, is een cash-for-carverhaal, waarbij de waarde van de bedrijfswagen wordt omgezet in een cashbedrag dat aan het loon van de werknemer wordt toegevoegd. Wij stellen ons daarbij de vraag of dat wel voldoende effecten op de mobiliteit en het woon-werkverkeer zal hebben. Daarom ben ik nog eens gaan terugkijken naar de uitspraken die u hierover eerder hebt gedaan in uw beleidsnota en naar aanleiding van de bespreking daarvan. Het viel mij op dat u toen sprak over een mobiliteitstoelage, in eerste instantie, en dat later een volwaardig mobiliteitsbudget zou kunnen worden uitgewerkt. Het is intrigerend, gezien de actuele evoluties rond de besprekingen van het mobiliteitsbudget dat eerder het karakter heeft van een mobiliteitstoelage, om terug te kijken naar die uitspraken van eind vorig jaar bij de bespreking van uw beleidsnota. Ik heb hierover dan ook de volgende vragen, mijnheer de minister. U bent, denk ik, de enige persoon in het Parlement die het woord mobiliteitstoelage heeft gebruikt. Kunt u wat meer uitleg geven over hoe die mobiliteitstoelage er volgens u in een eerste stap zou moeten uitzien? Welke werknemers zouden recht krijgen op die toelage? Gaat het dan enkel over werknemers met een bedrijfswagen of over iedereen? Moeten werkgevers volgens u verplicht worden om de mobiliteitstoelage aan te bieden of is het een vrije keuze? Op welke manier zou de toelage moeten worden berekend? Moet de bedrijfswagen geheel worden omgezet
Similar documents
View more...
Search Related
We Need Your Support
Thank you for visiting our website and your interest in our free products and services. We are nonprofit website to share and download documents. To the running of this website, we need your help to support us.

Thanks to everyone for your continued support.

No, Thanks