Please download to get full document.

View again

of 13
All materials on our website are shared by users. If you have any questions about copyright issues, please report us to resolve them. We are always happy to assist you.

Goedgekeurd bij ministerieel besluit dd. 2 oktober 2000 (publicatie Belgisch Staatsblad 23 november 2000).

Category:

Arts & Architecture

Publish on:

Views: 8 | Pages: 13

Extension: PDF | Download: 0

Share
Related documents
Description
Goedgekeurd bij ministerieel besluit dd. 2 oktober 2000 (publicatie Belgisch Staatsblad 23 november 2000). STAD IEPER GEMEENTELIJK RUIMTELIJK STRUCTUURPLAN DEEL 3: BINDENDE BEPALINGEN G R S I e p e r 1
Transcript
Goedgekeurd bij ministerieel besluit dd. 2 oktober 2000 (publicatie Belgisch Staatsblad 23 november 2000). STAD IEPER GEMEENTELIJK RUIMTELIJK STRUCTUURPLAN DEEL 3: BINDENDE BEPALINGEN G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 3 2. BINDENDE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT HET STEDELIJK GEBIED Selectie en afbakening Toekenning percentage van de behoefte aan bijkomende woongelegenheden Uitbreiding regionaal bedrijventerrein Invulling behoefte lokale bedrijvigheid Bezetting bedrijventerreinen stedelijk gebied Uitwerken van bouwverordeningen Verbeteren kwaliteit woningenbestand Stimuli aansnijden onbebouwde gronden en wegwerken leegstand Evaluatie effecten Flanders Language Valley (FLV) Strategisch belangrijke projecten 6 3. BINDENDE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT HET BUITENGEBIED Selectie en afbakening Selectie hoofddorpen en woonkernen Berekening percentage van de behoefte aan bijkomende woongelegenheden Afbakenen en bestemmen van gebieden voor kernuitbreiding Vlamertinge: hoofddorp met functionele specialisatie naar Werken toe Verbeteren kwaliteit woningenbestand Zonevreemde woonbebouwing Zonevreemde bedrijvigheid Zonevreemde ruimtegebonden recreatie en toerisme Herbestemmen van niet te realiseren woonuitbreidingsgebied - planologische ruil Herschikken van woongebied - woonuitbreidingsgebied 9 4. BINDENDE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT DE OPEN RUIMTE Selectie van open ruimtegebieden Bescherming van het milieu Ontwikkeling natuur en het landschap Ontwikkeling landbouw BINDENDE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT DE LIJNINFRASTRUCTUREN 13 G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i DEEL 3 BINDENDE BEPALINGEN 1. INLEIDING De bindende bepalingen zijn de spil tussen de in het richtinggevend gedeelte uitgewerkte gewenste ruimtelijke structuur en de realisatie ervan. De hiernavolgende bindende bepalingen omvatten ondermeer: 1. Selecties en indelingen in beleidscategorieîn. Om het beleid te kunnen sturen dient gewerkt te worden met een verschillende benadering van onder andere het stedelijk gebied, de dorpen buiten de stad, de verschillende soorten open ruimte, verschillende soorten van activiteiten etc. Om dit te bereiken worden in de bindende bepalingen een aantal categorieën opgenomen. 2. Bepalingen in verband met de structuurbepalende componenten. Dit betreft een engagement van de stad over de manier waarop zal omgegaan worden met onder andere open ruimte, mobiliteit, de bebouwde omgeving, stedelijkheid, het buitengebied etc. 3. Taakstellingen met betrekking tot de uitvoering. Hieronder worden verstaan de acties die de stad Ieper zal ondernemen om het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan uit te voeren. Hieronder vallen onder meer de opmaak van uitvoeringsplannen, het verfijnen en uitbreiden van bestaande verordeningen, het verder uitwerken van subsidieregelingen, het uitvoeren van plannen enz. G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i 2. BINDENDE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT HET STEDELIJK GEBIED 2.1. Selectie en afbakening In het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen werd Ieper geselecteerd als structuurondersteunend kleinstedelijk gebied. Het behoort tot de taakstelling van de provincie het stedelijk gebied af te bakenen, - dit is tot op heden niet gebeurd -. Zolang de provincie niet is overgegaan tot deze afbakening zal het stadsbestuur de in het richtinggevend gedeelte voorgestelde afbakening hanteren Toekenning percentage van de behoefte aan bijkomende woongelegenheden Als doelstelling in het overleg met de provincie in verband met de verdeling van de bijkomende behoefte aan woningen wordt voor de planperiode vooropgesteld 60 % van de geraamde behoefte aan bijkomende woongelegenheden voor het stedelijk gebied voor te behouden wat een lichte toename betekent van de bestaande verhouding in Om de bijkomende vraag naar woningen die kan ontstaan vanuit de evolutie van FLV te ondervangen zullen maximaal mogelijkheden worden gecreëerd binnen het stedelijk gebied en indien noodzakelijk binnen de zoekzones die direct aansluiten bij het stedelijk gebied Uitbreiding regionaal bedrijventerrein Het provinciaal niveau is belast met de verdeling van de pakketten bedrijventerreinen zoals geformuleerd in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. Als doelstelling in het overleg met de provincie in verband met de toekenning van bijkomende oppervlaktes voor regionale bedrijventerreinen zal de berekening op basis van de verdeelsleutel van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen evenals de eigen berekening worden gehanteerd 2.4. Invulling behoefte lokale bedrijvigheid. De bijkomende behoefte voor lokale bedrijvigheid zal in het stedelijk gebied worden opgevangen door de vrije kavels in de ambachtelijke zone nabij de Potyze alsook op de zone Rijselsepoort. De niet ingenomen perceelsdelen nijverheidsgrond tussen de stad en de N38 zal bij voorkeur worden opgenomen door lokale bedrijven onder de restrictie van het gestelde in bindende bepaling Bezetting bedrijventerreinen stedelijk gebied. Om het ruimtegebruik in de respectieve nijverheidszones te kunnen ordenen, zal een inventaris worden opgemaakt van de bebouwde en niet bebouwde bedrijfspercelen. Deze inventaris zal ook melding maken van de aard van de bedrijvigheid alsook het onderscheid vermelden tussen lokale en regionale bedrijvigheid. Het in opmaak zijnde vergunningenregister is hierbij een leidraad Differentiatie noordelijke uitloper Ieperleekanaal. In functie van het voorzien van ruimte voor de locale bedrijven van Boezinge en in het voorzien van een open ruimte corridor ter hoogte van de woonbebouwing van het dorp, zal het nog niet gerealiseerde deel van bpa Ieperleekanaal uitbreiding III (art. 17) worden herzien. G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i 2.7. Uitwerken van bouwverordeningen In het verlengde van initiatieven terzake in het verleden worden bouwverordeningen uitgewerkt voor het stedelijk gebied, ter vrijwaring van het stedenschoon en de kwaliteiten van de individuele gebouwen. Ook gebiedsdekkende bouwverordeningen zullen worden uitgewerkt teneinde aan globale kwaliteitseisen invulling te geven. In dit verband wordt o.a. gedacht een de verordening t.a.v. de waterbeheersing, afsluitingen, kappen van bomen en struiken, reliëfwijzigingen en beplantingen Verbeteren kwaliteit woningenbestand De principes van het bestaande gemeentelijk premiestelsel worden behouden. De bevolking moet beter gesensibiliseerd worden om gebruik te maken van de bestaande stelsels (gewestelijke, provinciale en gemeentelijke premies) Stimuli aansnijden onbebouwde gronden en wegwerken leegstand In de planperiode zal een belasting voorbereid en geïmplementeerd worden met betrekking tot de onbebouwde percelen buiten goedgekeurde verkavelingen. De doelstelling is een gestructureerd en gespreid aanbod van kavels over de planperiode te bekomen. Dezelfde stappen zullen worden gezet met betrekking tot onbebouwde industriegronden in overleg met de bevoegde intercommunale Stadsontwikkeling inbreiding. In het noorden van de stedelijke zone (haven, Noordsector A) is een belangrijke reserve gronden aanwezig met potenties voor verdichte woonvormen. Op zo n 5ha zullen woningdichtheden van 80 à 120 woningen/ha worden nagestreefd Stadsontwikkeling uitbreiding. Er is aangetoond dat de reserves woonuitbreidingsgebied in het oostelijke deel van de stad niet moeten worden aangesneden. Tijdens de planperiode zal aanvang worden genomen met de opmaak van een aanlegplan (uitvoeringsplan) voor het oostelijke deel van de stad. Daarbij zullen de ontwikkelingsperspectieven aangegeven in het richtinggevend gedeelte een leidraad zijn. Een woningdichtheid van 20 woningen/ha wordt er nagestreefd. Op het operationele niveau zal de Stedelijke Regie voor Gronden Bouwbeleid initiatieven nemen Evaluatie effecten Flanders Language Valley (FLV) In het GRS van Ieper zijn de mogelijke effecten van FLV nog niet doorgerekend in de behoeftenramingen; dit zou te speculatief zijn en niet gefundeerd op feitelijke vaststellingen. Op basis van objectieve statistische gegevens en signalen van de sector zelf zal jaarlijks geëvalueerd worden of er zich nieuwe behoeften opdringen. Vandaag wordt rekening gehouden met een mogelijke nieuwe behoefte aan woongelegenheden voor werknemers die zich in de streek willen vestigen, maar deze behoeften kunnen zich mogelijks ook op andere vlakken situeren. De diensten van de stad worden belast met het bijhouden, evalueren en jaarlijks rapporteren van de migraties, afgeleverde bouwvergunningen, de vraag van werknemers naar woningen en bouwgronden. G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i 2.13. Strategisch belangrijke projecten Binnen de planperiode dienen volgende strategisch belangrijke projecten gerealiseerd: Flanders Language Valley. Verdere uitvoering van dit strategisch belangrijk project overeenkomstig de perspectieven aangegeven in het richtinggevend gedeelte. Herwaardering Stationsomgeving De Stationsomgeving met haar belangrijke functie van knooppunt van vervoerswijzen is aan herwaardering toe. Middels een stedenbouwkundige studie (of wedstrijd) worden voorstellen geformuleerd met betrekking tot de stedelijke invulling van de site - met potenties voor openbaar vervoer, wonen, kantoren, bedrijvigheid, parkeren, voorzieningen - en de herinrichting van het openbaar domein. Herwaardering binnenhaven als scharnier tussen FLV en het stadscentrum Het eindpunt van het Ieperleekanaal dient geherwaardeerd als poort tot de stad. De kaaien rond het waterfront zijn een toplocatie. Een stedenbouwkundige studie (of wedstrijd) moet inzicht geven in de herstructurering van dit gebied, waarbij wonen en recreatie maar ook kantoren en voorzieningen een plaats kunnen vinden. Het belang van de site moet, net zoals de Industrielaan, in de toekomst toenemen gezien zijn ligging tussen de stad en de FLV-campus. Zone voor medische voorzieningen In het kader van de fusie van ziekenhuizen wordt een locatie voorbehouden voor de clustering van de nieuwe medische voorzieningenstructuur na de fusies. Deze evolutie moet stedenbouwkundig begeleid worden. De diensten van de stad zullen terzake een aanspreekpunt zijn en de coördinatie op zich nemen van hun op te richten begeleidingsgroep. G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i 3. BINDENDE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT HET BUITENGEBIED 3.1. Selectie en afbakening De niet als structuurondersteunend kleinstedelijk gebied afgebakende gedeelten cfr van de Bindende Bepalingen van het Iepers grondgebied zijn geselecteerd als buitengebied Selectie hoofddorpen en woonkernen Het provinciaal niveau is belast met het selecteren van ruimtelijke beleidscategorieën binnen de nederzettingstructuur. Zolang het provinciaal ruimtelijk structuurplan geen uitspraak gedaan heeft over de nederzettingenstructuur wordt door Ieper de volgende selectie gehanteerd: - geselecteerd als hoofddorp: Boezinge (wonen); Elverdinge (wonen); Vlamtertinge (wonen en werken); Zillebeke (wonen). - geselecteerd als woonkern: Dikkebus; Brielen; Voormezele; Sint-Jan-Wieltje; Hollebeke; Zuidschote Berekening percentage van de behoefte aan bijkomende woongelegenheden Als doelstelling in het overleg met de provincie in verband met de verdeling van de bijkomende behoefte aan woningen wordt voor de planperiode vooropgesteld 40 % van de geraamde behoefte aan bijkomende woongelegenheden voor het buitengebied voor te behouden wat een lichte afname betekent van de bestaande verhouding in Hierbij dient aan iedere deelkern een voldoende quotum te worden toebedeeld om te voldoen aan de eigen behoefte, eventueel vermeerderd met de quota toebedeeld via de provinciale taakstelling Vlamertinge: hoofddorp met functionele specialisatie naar Werken toe Het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan opteert voor de vastlegging van een bijkomende oppervlakte lokaal bedrijventerrein. De in het richtingsgevend gedeelte aangeduide zone voor uitbreiding van het lokaal ambachtelijk bedrijventerrein zal een aangepaste bestemming krijgen middels een op te maken gemeentelijk uitvoeringsplan waarbij uitbreidingspotenties naar de toekomst toe gevrijwaard worden Verbeteren kwaliteit woningenbestand De principes van het gemeentelijk premiestelsel wordt behouden. Een bijzondere inspanning wordt geleverd om ook de bevolking van de hoofddorpen en woonkernen in het buitengebied te informeren en te sensibiliseren om gebruik te maken van de bestaande stelsels (gewestelijke, provinciale en gemeentelijke premies) door middel van een gerichte informatiecampagne. G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i 3.6. Zonevreemde bedrijvigheid De problematiek van zonevreemde bedrijven te Ieper is door een consequent beleid in het verleden zeer beperkt. Niettegenstaande dient voor de enkele zonevreemde bedrijven die Ieper telt een structurele oplossing te worden gevonden. Via de opmaak van een sectoraal bpa dient de situatie van de zonevreemde bedrijven juridisch te worden vastgelegd. Een toetsingskader zal, aanvullend op de omzendbrief RO 97/01, het beleidsinstrument zijn tot de goede ruimtelijke ordening. Als afwegingskader wordt vooropgezet dat: zonevreemde bedrijven niet inpasbaar worden geacht in een N-gebied, R- gebied, bosgebied, recreatiegebied, waterwinningsgebied en in agrarische gebieden met ecologische waarde zoals aangeduid op het gewestplan Ieper-Poperinge; zonevreemde bedrijvigheid geen ruimtebeslag kan hebben van een totale oppervlakte van 2,5 ha; zonevreemde uitbreidingen aansluiting vinden met de bestaande (zonevreemde) bebouwing en/of reeds sterk structureel aangetast openruimte gebied. De in open-ruimtecorridors gelegen zonevreemde bedrijven worden geacht uitdovend te zijn; zonevreemde bedrijvigheid en/of -uitbreiding steeds voorwaardelijk moet worden ingepast in het landschap. Een effectenrapport kan hier gebiedsspecifieke inzichten geven; zwak dynamische en sterk dynamische activiteit vergt in relatie tot de draagkracht van de omgeving een verschillende aanpak. Evaluatiecriteria zullen worden opgemaakt waarin minstens ruimtegebruik, schaal, visuele en vormelijke aankleding, historische context, lawaai, stof, licht, geurhinder en afvalproductie aan de orde zijn. zonevreemde bedrijvigheid en/of -uitbreiding slechts kunnen worden toegestaan in relatie tot het vermogen van de aanpalende verkeersweg om het gegenereerde verkeer verkeersveilig te kanaliseren. Elementen van verkeersleefbaarheid (aantal bewegingen, piekbelasintg, parkeervoorzieningen, e.d.m. ) zullen eveneens nauwgezet worden beoordeeld. In principe worden zonevreemde bedrijven niet toegestaan langs lokale wegen categorie III, tenzij wordt aangetoond dat het bedrijf geen functionele relatie heeft tot de kwestieuze verkeersdrager. met betrekking tot bedrijven gelegen in kernen of direct aansluitend bij de kern is het aangewezen aan de hand van een uitvoeringsplan een onderzoek te doen naar de ruimtelijke inpasbaarheid (silhouet, functie, verdraagzaamheid) en de gewenste ruimtelijke ontwikkeling van de ruimere omgeving aan te geven. Zo kan -in een aantal gevallen- de uitbreiding van het bedrijf worden aangegrepen om een ruimtelijke meerwaarde voor de omgeving te creëren Zonevreemde ruimtegebonden recreatie en toerisme De problematiek van zonevreemde recreatieve openlucht infrastructuren moet een structurele oplossing krijgen via een bijzonder plan van aanleg voor zonevreemde terreinen en gebouwen voor sport-, recreatie-, en jeugdactiviteiten volgens de omzendbrief RO 98/05 ( ). Een toetsingskader zal, aanvullend op de van toepassing zijnde omzendbrieven, het beleid een instrument bieden tot de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening. G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i Als afwegingskader wordt vooropgezet dat: * zonevreemde ruimtegebonden recreatieve infrastructuur niet inpasbaar worden geacht in een N-gebied, R-gebied, bosgebied, gebied voor milieubelastende industrie en ambachtelijke zones, waterwinningsgebied en agrarische gebieden met ecologische waarde zoals aangeduid op het gewestplan Ieper-Poperinge; * de zonevreemde ruimtegebonden recreatieve infrastructuur geen ruimtebeslag kan hebben van een totale oppervlakte van 2,5 ha; * zonevreemde ruimtegebonden recreatieve infrastructuur steeds voorwaardelijk moet worden ingepast in het landschap. Een effectenrapport kan hier gebiedsspecifieke inzichten geven; * afhankelijk van de dynamiek van de zonevreemde ruimtegebonden recreatieve infrastructuur zullen specifieke maatregelen worden genomen teneinde de draagkracht van de omgeving te respecteren; * zonevreemde ruimtegebonden sportinfratsructuur slechts kan worden bestendigd worden op loopafstand (ca 500m) van de bebouwde omgeving; * zonevreemde ruimtegebonden recreatieve infrastructuur slechts kan worden toegestaan in relatie tot het vermogen van de aanpalende verkeersweg het gegenereerde verkeer verkeersveilig te kanaliseren. Elementen van verkeersleefbaarheid (aantal bewegingen, piekbelasting, parkeervoorzieningen, e.d.m. ) zullen eveneens nauwgezet worden beoordeeld. Zonevreemde sportaccommodatie, waar tevens aan competitie wordt gedaan, wordt niet toegestaan langs lokale wegen categorie III, tenzij de infrastructuur direct aansluit bij de bebouwde kern Herschikken van woongebied - woonuitbreidingsgebied te Boezinge Voor Boezinge wordt een uitvoeringsplan opgemaakt waarbij aan de problematiek van wonen in ruimte zin, zonevreemde bedrijvigheid en een herschikking van het woongebied een oplossing kan worden kan worden gegeven Herschikken woonuitbreidingsgebied Zuidschote. Voor Zuidschote wordt een herschikking van het woonuitbreidingsgebied vooropgesteld in functie van een efficiëntere organisatie en differentiatie Herschikken woonuitbreidingsgebied planologische ruil Elverdinge. Voor Elverdinge wordt een herschikking van het woonuitbreidingsgebied vooropgesteld waarbij gedetailleerd onderzoek zal uitwijzen op welke plaats het woonuitbreidingsgebied dient te worden geherlokaliseerd Herschikken woonuitbreidingsgebied planologische ruil Hollebeke. Voor Hollebeke wordt het woonuitbreidingsgebied afgewerkt en een zone woonuitbreidingsgebied in compensatie van de herbestemming van het gemeentelijk speelplein vastgelegd Herschikken en herbestemmen industriegebied Vlamertinge Krommenelst. Voor Vlamertinge wordt een uitvoeringsplan opgemaakt voor het industriegebied Dikkebusseweg/Krommenelst waarbij achterliggend aan de bestaande bedrijfsbebouwing een strook uitbreidingszone wordt voorzien. Deze uitbreidingszone is van de grootte-orde 30m en omvat eveneens een G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i groenbuffer. Het niet opgenomen deel van het in het gewestplan aangeduide industriegebied wordt dan herbestemd als agrarisch gebied Herschikken industriegebied Voormezele Vierstraat. Voor het industriegebied Vierstraat te Voormezele wordt een uitvoeringsplan opgemaakt waarbij enerzijds de enclave agrarisch gebied tussen de industriële bebouwing en de gemeentegrens met Heuvelland wordt herbestemd tot industriegebied en anderzijds een voldoende brede bufferzone aan de Kriekstraat wordt gecreëerd De totale oppervlakte industriegebied wordt niet groter Uitwerken van bouwverordeningen In het verlengde van initiatieven terzake in het verleden worden bouwverordeningen uitgewerkt voor de kernen, ter vrijwaring van het stedenschoon en de kwaliteiten van de individuele gebouwen. Ook gebiedsdekkende bouwverordeningen zullen worden uitgewerkt teneinde aan globale kwaliteitseisen invulling te geven. In dit verband wordt o.a. gedacht een de verordening t.a.v. de waterbeheersing, afsluitingen,kappen van bomen en struiken, reliëfwijzigingen en beplantingen. G R S I e p e r 1 6 j u n i , a a n g e p a s t 2 2 j a n u a r i 4. BINDENDE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT DE OPEN RUIMTE 4.1. Functie van open ruimtegebieden De open ruimte is het grondgebied dat niet tot de kernen wordt gerekend. De open
Similar documents
View more...
Search Related
We Need Your Support
Thank you for visiting our website and your interest in our free products and services. We are nonprofit website to share and download documents. To the running of this website, we need your help to support us.

Thanks to everyone for your continued support.

No, Thanks