Please download to get full document.

View again

of 20
All materials on our website are shared by users. If you have any questions about copyright issues, please report us to resolve them. We are always happy to assist you.

Het Groene Kompas. voor duurzame ontwikkeling in het MBO. 1 organisatie. 2 deskundigheid. 3 onderwijs. 4 waardering. 1.3 duurzame bedrijfsvoering

Category:

Letters

Publish on:

Views: 17 | Pages: 20

Extension: PDF | Download: 0

Share
Related documents
Description
Het Groene Kompas voor duurzame ontwikkeling in het MBO 1 organisatie 1.1 visie 1.2 beleid 1.3 duurzame bedrijfsvoering 1.4 communicatie 2 deskundigheid 2.1 netwerk 2.2 expert-groep 2.3 personeel 2.4 rol
Transcript
Het Groene Kompas voor duurzame ontwikkeling in het MBO 1 organisatie 1.1 visie 1.2 beleid 1.3 duurzame bedrijfsvoering 1.4 communicatie 2 deskundigheid 2.1 netwerk 2.2 expert-groep 2.3 personeel 2.4 rol van de docent 3 onderwijs 3.1 eindprofiel studenten 3.2 curriculum 3.3 BPV 3.4 beoordeling 4 waardering 4.1 medewerkers 4.2 studenten 4.3 werkveld 4.4 maatschappij Colofon Het Groene Kompas voor duurzame ontwikkeling in het MBO Versie 2.0 Februari 2016 Anne Remmerswaal Wageningen Universiteit, Educatie- en Competentiestudies Heleentje Swart Nordwin College Met dank aan Bert Schutte en Saskia Hein Het instrument bestaat uit drie onderdelen: Het Groene Kompas Gebruikershandleiding Formulier voor rapportage Het Groene Kompas is een aangepaste versie van het instrument AISHE (Auditing Instrument for Sustainability in Higher Education). In het kader van het NRO-gefinancierde project Meer dan de Som der Delen de verankering van duurzaamheid in de gehele schoolorganisatie is dit instrument doorontwikkeld voor het MBO. Het Groene Kompas Gebruik dit document samen met de gebruikershandleiding en het formulier voor rapportage. Gebruikershandleiding: Hierin wordt beschreven hoe je het Groene Kompas in kan zetten. Ook wordt hierin toegelicht hoe het Groene Kompas in elkaar zit. Formulier van rapportage: Dit kan gebruikt voor verslaglegging tijdens het werken met het Groene Kompas. Typering van de fasen Ad hoc Impliciet: niet als duurzaamheid benoemd, niet in documenten vastgelegd. Afhankelijk van individuele initiatieven. Op project-basis Expliciet: als duurzaamheid benoemd en vastgelegd in documenten. Duurzaamheid naast business as usual Duurzaamheid is nog vooral iets van het management of van een aparte groep docenten binnen de school. Duurzaamheid is verweven met het bestaande. Duurzaam denken en doen is vanzelfsprekend binnen de opleiding. Studenten en medewerkers zijn actief betrokken. Duurzaamheid is voelbaar in het gebouw en bij de mensen. Er worden doelen gesteld, geëvalueerd en bijgesteld. Er wordt gewerkt volgens de PDCA Cyclus: Plan-Do-Check-Act (zie gebruikershandleiding) Het groene VMBO, het groene HBO en het regionale bedrijfsleven zijn betrokken. De opleiding is actief in de maatschappij. De maatschappij is actief betrokken bij de opleiding. De opleiding heeft een voorbeeldfunctie in de regio en daarbuiten, en staat bekend om haar deskundigheid op het gebied van duurzaamheid. 1 organisatie 1.1 visie 1.2 beleid 1.3 duurzame bedrijfsvoering 1.4 communicatie 1.1 Visie De opleiding heeft een eigen visie op duurzaamheid. Deze visie gaat over duurzaamheid binnen het eigen vakgebied, en de gevolgen hiervan voor het opleidingsbeleid. Het kan zijn dat er een binnen de school een instellingsbrede visie op duurzaamheid is. Om op dit criterium te scoren moet de opleiding deze visie vertalen naar de eigen opleiding. Visie De opleiding heeft een visie op duurzaamheid. Deze visie is impliciet: de visie is niet vastgelegd in documenten. De visie is expliciet: de visie is vastgelegd in interne documenten van de opleiding. Bijvoorbeeld in het jaarplan. Het hele team is betrokken bij het opstellen van de visie. De visie van de opleiding is vertaald naar concreet beleid. Studenten zijn betrokken bij het ontwikkelen en evalueren van de visie. Het groene VMBO, het groene HBO en het regionale bedrijfsleven zijn betrokken bij het ontwikkelen en evalueren van de visie. Waar staat de visie wordt steeds bedoeld de visie op duurzaamheid van de opleiding. De visie wordt voortdurend actueel gehouden, samen met maatschappelijke partners. De school heeft ook een visie op lange-termijn ontwikkelingen in de maatschappij, en de rol van de school hierin. De visie op duurzaamheid is hiermee geïntegreerd. 1 organisatie 1.1 visie 1.2 beleid 1.3 duurzame bedrijfsvoering 1.4 communicatie 1.2 Beleid 1 Visie De visie op duurzaamheid is vertaald naar beleid. Dit betekent dat er een beleidsplan is waarin doelen en concrete acties vastgelegd zijn. Aan het eind van een beleidsperiode wordt het plan geëvalueerd en bijgesteld. Beleid Het management van de opleiding ontwikkelt duurzaamheidsbeleid en/of sommige docenten zijn bezig met duurzaamheid. Dit beleid is impliciet: het is niet vastgelegd in documenten. Beleid wordt vooral ad hoc ontwikkeld: naar aanleiding van bepaalde gebeurtenissen. De opleiding heeft een beleidsplan voor duurzame ontwikkeling. De opleiding heeft doelen opgesteld die beschrijven wat zij over één jaar bereikt wil hebben t.a.v. duurzaamheid. Docenten hebben meegewerkt aan het opstellen van het beleid. Het duurzaamheidsbeleid is expliciet: het is vastgelegd in documenten. Docenten en studenten worden systematisch betrokken bij het ontwikkelen van het duurzaamheidsbeleid. De doelen in het beleidsplan beschrijven wat de opleiding over 2 à 3 jaar bereikt wil hebben. Er zijn meetbare doelen geformuleerd. Deze doelen worden geëvalueerd en bijgesteld. Het groene VMBO, groene HBO en het regionale bedrijfsleven zijn betrokken bij de ontwikkeling van het duurzaamheidsbeleid. De doelen in het beleidsplan beschrijven wat de opleiding over vijf jaar bereikt wil hebben t.a.v. duurzaamheid. Maatschappelijke organisaties zijn betrokken bij het ontwikkelen van het duurzaamheidsbeleid. De school heeft een actieve, anticiperende rol bij het realiseren van het beleid van maatschappelijke organisaties. Meetbare doelen: doelen die zo geformuleerd zijn, dat er objectief vastgesteld kan worden of de doelen bereikt zijn. De meting hoeft niet een meting met getallen en instrumenten te zijn, het werken met het Groene Kompas is bijvoorbeeld ook een meting. 1 organisatie 1.1 visie 1.2 beleid 1.3 duurzame bedrijfsvoering 1.4 communicatie 1.3 Duurzame bedrijfsvoering Duurzame bedrijfsvoering richt zich op afval, water, energie, groen, voedsel, hygiëne, mobiliteit, veiligheid, inkoop, gebouw en omgeving. Medewerkers en studenten denken actief mee over het verduurzamen van de bedrijfsvoering. In het onderwijs wordt de koppeling gemaakt tussen de duurzame bedrijfsvoering en het curriculum. Duurzame bedrijfsvoering Individuele medewerkers of studenten werken aan duurzame bedrijfsvoering. De opleiding neemt verantwoordelijkheid voor de eigen bedrijfsvoering. De opleiding oefent invloed uit op de duurzame bedrijfsvoering van de school. De bedrijfsvoering is gebaseerd op bewuste afwegingen tussen sociale, ecologische en financiële aspecten. In het onderwijs wordt de koppeling gemaakt tussen de duurzame bedrijfsvoering en de inhoud van de vakken. Studenten worden betrokken bij het verduurzamen van de bedrijfsvoering. Studenten spelen een proactieve rol bij het verduurzamen van de bedrijfsvoering. Instellingsbreed De instelling heeft een kader opgesteld van waaruit duurzame bedrijfsvoering plaatsvindt. Er worden o.a. eisen aan leveranciers gesteld, er is een mobiliteitsplan voor medewerkers, en een lange-termijn visie op gebouwen De bedrijfsvoering van de school is een voorbeeld voor andere scholen en/of maatschappelijke organisaties. Bedrijven dragen bij aan het verduurzamen van de bedrijfsvoering. Instellingsbreed Duurzame bedrijfsvoering is een integraal onderdeel van de kwaliteitszorg en van het personeelsbeleid. De opleiding heeft aantoonbaar invloed op de duurzame bedrijfsvoering van de instelling: De opleiding is op de hoogte van maatregelen die instellingsbreed worden ondernomen t.a.v. duurzame bedrijfsvoering. De opleiding heeft haar eigen rol binnen deze instellingsbrede maatregelen (aantoonbaar) bepaald. 1 organisatie 1.1 visie 1.2 beleid 1.3 duurzame bedrijfsvoering 1.4 communicatie 1.4 Communicatie Binnen de organisatie van de opleiding is communicatie een belangrijk criterium. Door goed te communiceren over visie, beleid, doelen en acties vergroot de opleiding draagvlak en betrokkenheid. Communicatie richt zich op medewerkers en jongeren, maar ook op de buitenwereld (ouders, buurt en bedrijfsleven). Communicatie Individuele medewerkers brengen duurzaamheid onder de aandacht. Medewerkers en studenten worden incidenteel geïnformeerd over duurzaamheid. In de wandelgangen wordt regelmatig over duurzaamheid gesproken. Duurzaamheid is een regelmatig terugkerend onderwerp in vergaderingen. Er vindt interne en externe communicatie over duurzaamheid plaats. De opleiding beschikt over communicatiemiddelen (bijvoorbeeld website, brochures, flyers, social media) die laten zien hoe duurzaamheid vorm krijgt binnen de opleiding en/of school. De opleiding draagt haar visie, beleid, doelen en acties actief uit. Medewerkers en studenten spelen een actieve rol in de totstandkoming van de communicatie. De effectiviteit van de communicatie wordt met medewerkers en studenten besproken. De aandacht voor duurzaamheid is zichtbaar in de lokalen, in het gebouw en in de directe omgeving van de school. Er vindt structurele communicatie met het bedrijfsleven plaats. Bij communicatie over duurzaamheid zijn het (regionale) en HBO betrokken. De communicatie gaat niet alleen over het eigen vakgebied, maar is ook vakoverstijgend. Bij communicatie over duurzaamheid zijn maatschappelijke partners actief betrokken. De uitstraling van de school is een voorbeeld voor andere scholen. 2 deskundigheid 2.1 netwerk 2.2 expert-groep 2.3 personeel 2.4 rol van de docent 2.1 Netwerk In fase 1 t/m 3 wordt met het duurzaamheidsnetwerk van de school een netwerk bedoeld van medewerkers, bedrijven, experts en oud-studenten die met duurzaamheid bezig zijn. Bij fase 4 horen daar ook vertegenwoordigers van aanleverende en afnemende scholen van het regionale bedrijfsleven bij. Bij fase 5 ook maatschappelijke organisaties. Netwerk Sommige docenten onderhouden contacten met bedrijven, experts en/of oud-studenten op het gebied van duurzaamheid. De opleiding heeft regelmatig contact met bedrijven, experts of oudstudenten die duurzaam werken en innoveren. Er wordt gebruik gemaakt van de deskundigheid van deze contacten door bijv. excursies of lezingen te organiseren, of op andere manieren kennis uit te wisselen. De deskundigheid binnen het netwerk wordt systematisch ingezet bij ontwikkeling (en evaluatie) van het curriculum, uitvoering van het onderwijs en stages Binnen de opleiding wordt regelmatig de behoefte aan deskundigheid op het gebied van duurzaamheid gepeild. Op basis van deze peilingen worden er nieuwe partners gezocht voor het netwerk. Het opleidingsteam organiseert met regelmaat kennisuitwisseling tussen de eigen docenten, docenten van het VMBO, het HBO en experts uit het werkveld. Er worden gezamenlijke onderwijsprojecten, gastlessen en/of excursies binnen het netwerk georganiseerd. Het duurzaamheidsnetwerk van de school heeft een spin-off op (inter)nationaal niveau. Ook maatschappelijke organisaties maken deel uit van het netwerk. De opleiding staat binnen en buiten het netwerk bekend om haar deskundigheid op het gebied van duurzaamheid. 2 deskundigheid 2.1 netwerk 2.2 expert-groep 2.3 personeel 2.4 rol van de docent 2.2 Expert-groep Binnen de school is een expert-groep of duurzaamheidsteam aanwezig. Dit is een groep medewerkers die zichzelf ontwikkelt op het gebied van duurzaamheid, en onderling kennis uitwisselt. Ook vertaalt de groep deze kennis naar het onderwijs en de bedrijfsvoering van de school. Het kan een opleidingsoverstijgende groep zijn, of zelfs een instellingsbrede groep. De groep vervult verschillende rollen, bijvoorbeeld: aanjagen, adviseren, informeren, initiëren, kennis verspreiden en enthousiasmeren. Expert-groep 2 Proces Eén of meerdere mensen binnen de opleiding hebben belangstelling voor duurzaamheid. Eén of meerdere mensen binnen de opleiding maken deel uit van een (laagdrempelige) groep medewerkers die kennis op het gebied van duurzaamheid bijhoudt en uitwisselt. De groep wordt hierin ondersteund door het management. De groep wordt vanwege haar deskundigheid betrokken bij onderwijs-ontwikkeling en bedrijfsvoering. Er is een vaste expert-groep die duurzame ontwikkeling proactief op de agenda houdt. De expertgroep is het aanspreekpunt voor medewerkers en management, om onderwijs en bedrijfsvoering te verduurzamen. De expert-groep zorgt voor kennisuitwisseling tussen de locaties, het regionale VMBO en het HBO. De expert-groep zorgt voor kennisuitwisseling met duurzame bedrijven en experts. De groep zorgt dat kennis van bedrijven/experts terechtkomt bij de medewerkers. De groep vormt een vaste verbinding met de samenleving. De groep zorgt dat kennis van maatschappelijke organisaties terecht komt bij de medewerkers. Medewerkers van de groep zijn (inter)nationaal bekend. Vanaf fase 2 moet er een duidelijke relatie tussen deze groep en de opleiding bestaan: één of meer docenten van de opleiding maken deel uit van deze groep en/of de groep wordt om advies gevraagd bij onderwijsontwikkeling. Vanaf fase 3 zijn in de groep docenten, studenten, management en ondersteunend personeel vertegenwoordigd. 2 deskundigheid 2.1 netwerk 2.2 expert-groep 2.3 personeel 2.4 rol van de docent 2.3 Personeel De instelling en opleiding dragen samen zorg voor het op peil brengen (en houden) van de deskundigheid van de medewerkers op het gebied van duurzame ontwikkeling. Het gaat zowel om deskundigheid t.a.v. duurzame ontwikkeling in het algemeen, als t.a.v. aspecten relevant voor het eigen vakgebied. Dit is vastgelegd in het jaarplan of in een apart ontwikkelplan voor personeel. De opleiding heeft hierbinnen zijn eigen rol bepaald en ondersteunt medewerkers in het ontwikkelen van hun deskundigheid. Personeel 2 Proces Professionele ontwikkeling t.a.v. duurzaamheid is afhankelijk van individuele initiatieven. In het jaarplan van de opleiding is er aandacht voor de professionele ontwikkeling van personeel t.a.v. duurzaamheid. De opleiding ondersteunt medewerkers die zich verder willen ontwikkelen op het gebied van duurzaamheid. Instellingsniveau Er is een instellingsbreed plan voor de professionele ontwikkeling van personeel t.a.v. duurzaamheid. Er zijn faciliteiten beschikbaar voor medewerkers die zich op het gebied van duurzaamheid willen ontwikkelen. De opleiding heeft inzicht in de aanwezige én de benodigde kennis m.b.t. duurzaamheid binnen het team (gepeild door middel van een consultatieronde). De opleiding heeft inzicht in de individuele behoeften en wensen van teamleden. In het jaarplan van de opleiding is hiermee rekening gehouden (bijvoorbeeld d.m.v. bijscholing of nascholing). Het team introduceert duurzaamheid bij nieuwe collega s. Het regionale bedrijfsleven is betrokken bij het ontwikkelen van de deskundigheid van medewerkers. Instellingsniveau Het ontwikkelplan voor personeel is gericht op de lange termijn (5 à 10 jaar). Er is beleid t.a.v. aanname, omscholing en introductie van nieuwe medewerkers om de focus op duurzaamheid te versterken. Er is een expliciete relatie met het algemeen strategisch beleid van de organisatie. Maatschappelijke organisaties zijn betrokken bij het ontwikkelen van de deskundigheid van medewerkers. Instellingsniveau In het ontwikkelplan t.a.v. duurzaamheid zijn ook maatschappelijke en technologische lange-termijn ontwikkelingen meegenomen. 2 deskundigheid 2.1 netwerk 2.2 expert-groep 2.3 personeel 2.4 rol van de docent 2.4 Rol van de docent Overeenstemming tussen wat een docent onderwijst over duurzaamheid en hoe hij zich gedraagt, vergroot de effectiviteit van het leren en zijn geloofwaardigheid. Daarom is het belangrijk voor docenten om duurzaam doen en denken ook zelf in praktijk te brengen. Docenten zijn zich bewust van hun rol op dit gebied en door hun gedrag en hun houding laten ze studenten zien dat duurzaamheid er toe doet. Rol van de docent Er zijn een aantal docenten die het belang van een duurzame houding benadrukken bij de studenten. De opleiding stimuleert dat haar medewerkers het belang van een duurzame houding onderstrepen, via hun onderwijs, hun houding en hun gedrag. Docenten binnen het opleidingsteam wisselen met elkaar van gedachte wat een duurzame houding binnen het vakgebied én als burger/consument inhoudt. Collega s binnen het team en daarbuiten spreken elkaar aan en stimuleren bij elkaar een duurzame houding. Docenten en studenten wisselen met elkaar van gedachte over wat een duurzame houding inhoudt en wat duurzaam gedrag is. Docenten en studenten wisselen regelmatig met bedrijven van gedachte wat een duurzame houding inhoudt en wat duurzaam gedrag is. Docenten betrekken externe partners om te laten zien wat duurzaam gedrag in de praktijk inhoudt. Docenten en studenten wisselen regelmatig met maatschappelijke partners van gedachten over de vraag wat een duurzame houding inhoudt en wat duurzaam gedrag is, als professional én als burger. Toelichting Een duurzame houding betekent dat men rekening wil houden met de consequenties die zijn/haar handelen heeft voor andere mensen, soorten en de aarde, nu en in de toekomst. Het gaat over kritisch zijn en bereid zijn om verantwoording af te leggen voor je eigen gedrag. Over open staan voor andere ideeën en meningen, en het waarderen van verschillen. Ook gaat een duurzame houding over verantwoordelijkheid nemen en zorg dragen voor jezelf, voor anderen en voor de omgeving. 3 onderwijs 3.1 eindprofiel studenten 3.2 curriculum 3.3 BPV 3.4 assessment 3.1 Eindprofiel studenten Het integreren van duurzame ontwikkeling binnen het onderwijs begint bij het beschrijven van het gewenst eindprofiel van studenten: Welke kennis en vaardigheden wil je dat een student heeft bij afronding van zijn/haar opleiding, met betrekking tot duurzaamheid? Dit eindprofiel wordt door de opleiding gemaakt en bestaat naast het landelijk kwalificatiedossier. Het curriculum, de stages (BPV) en de manier van beoordelen worden bepaald door het eindprofiel. Eindprofiel studenten Er is een eindprofiel dat enkele aanwijsbare aspecten van duurzaamheid bevat. De opleiding heeft een eindprofiel t.a.v. duurzaamheid. Hierin wordt expliciet benoemd welke kennis en vaardigheden een afgestudeerde nodig heeft op het gebied van duurzaamheid, voor het eigen vakgebied. Het profiel is samen met (recent afgestudeerde) studenten en docenten opgesteld. Duurzaamheid komt vakoverstijgend aan bod in het profiel. Het profiel wordt regelmatig geëvalueerd en bijgesteld. Het regionale bedrijfsleven is betrokken bij het opstellen en evalueren van het profiel. Maatschappelijke partners zijn betrokken bij het opstellen en aanscherpen van het profiel. Het profiel is een voorbeeld voor andere scholen. Het eindprofiel geeft naar eigen oordeel van de opleiding een redelijk compleet beeld van de kennis en vaardigheden m.b.t. duurzaamheid, binnen het eigen vakgebied. Duurzaamheidscompetenties gaan over de ontwikkeling van de student als mens (persoonlijke verantwoordelijkheid), als burger (maatschappelijke verantwoordelijkheid) en als professional. Voorbeelden van duurzaamheidscompetenties zijn: systeemdenken, kritische vragen stellen, bewuste keuzes maken en toelichten, creativiteit, omgaan met onzekerheid en complexiteit, flexibiliteit en aanpassingsvermogen, samenwerken in diversiteit, zorg dragen voor anderen en de wereld, de consequenties voor daar en later meenemen (verder kijken en denken dan hier en nu). Zie bijvoorbeeld het Vestia+D model van Niko Roorda. 3 onderwijs 3.1 eindprofiel studenten 3.2 curriculum 3.3 BPV 3.4 assessment 3.2 Curriculum De complexiteit van duurzaamheidsvraagstukken vraagt om een integrale benadering. Bijvoorbeeld door verschillende onderwerpen of vakken met elkaar in verband te brengen. Ook is het belangrijk dat studenten oefenen in het samenwerken met mensen met verschillende achtergronden, bijvoorbeeld studenten uit andere vakgebieden. Curriculum 2 Proces 3 Systeem 5 Maatschappij Binnen sommige vakken wordt aandacht besteed aan duurzaamheid. Er zijn een aantal docenten en/of studenten die onderwerpen integreren. In het curriculum is basiskennis over duurzaamheid opgenomen. In het curriculum is vakspecifieke kennis over duurzaamheid opgenomen. Het curriculum is zo ingericht dat vakken en/of onderwerpen regelmatig met elkaar in verband worden gebr
Similar documents
View more...
Search Related
We Need Your Support
Thank you for visiting our website and your interest in our free products and services. We are nonprofit website to share and download documents. To the running of this website, we need your help to support us.

Thanks to everyone for your continued support.

No, Thanks