Please download to get full document.

View again

of 25
All materials on our website are shared by users. If you have any questions about copyright issues, please report us to resolve them. We are always happy to assist you.

- I e -.. a I I. ., :r :::I., ., I :::I. E < a. ca - a. I I. a. a. e. :r a. -a - r- :r. Z 11 r- E. Ir 0 ca < I :::I < I I I DI.

Category:

Mobile

Publish on:

Views: 16 | Pages: 25

Extension: PDF | Download: 0

Share
Related documents
Description
/ / Z 11 r- E r I I DI I., :r :::I., Ir 0 ca 0 e - e a. I I :::I E a.., I :::I a. I I DI., DI a Ir 0 :::I 0 -a - r- :r ca -.. I I I :::I Ir ai I I I I - I e a. a. e., m I :::I :::I Ir UI 0...
Transcript
/ / Z 11 r- E r I I DI I., :r :::I., Ir 0 ca 0 e - e a. I I :::I E a.., I :::I a. I I DI., DI a Ir 0 :::I 0 -a - r- :r ca -.. I I I :::I Ir ai I I I I - I e a. a. e., m I :::I :::I Ir UI 0... :r a. I I I I :::I UI I a.... 0 Inhoud ~ Wervende architectuur Journalist Jaap Huisman laat aan de hand van voorbeelden zien dat het klimaat voor architectuur sterk verbeterd is bij het Ministerie van Defensie. In het voorjaar presenteerde het Ministerie haar architectuurnota 20 Welstand in de Schermer Vierde in de reeks interviews met wethouders over het nieuwe welstandsbeleid. Theo van Oeffelt Projectbureau Welstand op nieuwe leest, in gesprek met Peter Leegwater, wethouder in de gemeente Schermer a Varen onder eigen vlag De visie van Margreeth de Boer, burgemeester van Leeuwarden, over opdrachtgeverschap en bouwproces in de gemeente 22 Lang leven in Lemele Uniek ouderen project in Lemele, Overijssel 10 Behoud de bollenvelden! De kwaliteiten van de duin- en bollenstreek worden bedreigd. Oude bollenschuren raken buiten gebruik, bollengebied moet plaatsmaken voor woningbouw. Harm Post landschapsarchitect, over de wijze waarop de regio zelf zich inzet voor behoud en over het inzetten van culturele planologie bij de aanpak van ruimtelijke ontwikkelingen in dit gebied 23 Mensen wensen hun eigen welstand Annius Hoornstra, bureau Middelkoop, over een nieuw project van de Stichting Experimenten Volkshuisvesting, waarbij burgers direct worden betrokken bij het opstellen van welstandscriteria 12 Resultaten van een ideeënprijsvraag bouwen Emmie Vos, Europan Nederland, analyseert aan de hand van een aantal praktijkvoorbeelden het spanningsveld tussen Europan als ideeënprijsvraag en de realisering van een prijswinnend ontwerp en vraagt zich af wat Europan-deelname betekent voor jonge architecten 24 Adressen architectuurcentra 14 Branding Hoe kan de identiteit van wijken en steden getransformeerd worden? De brandingmethode, een term uit de marketingwereld, kan hiervoor een handreiking zijn. In gesprek met Martien Kromwijk, directeur van Volkshuisvestingsgroep Woon bron Maasoever 16 Particulier opdrachtgeverschap in Roombeek De eerste wijk waar particulier opdrachtgeverschap op grote schaal het straatbeeld gaat bepalen is de, in 2000 door de vuurwerkramp getroffen, woonwijk Roombeek in Enschede. Tom de Vries over de initiatieven van het Architectuurcentrum Twente om terugkerende en nieuwe bewoners van deze wijk te begeleiden bij dit proces 18 Tussen de bedrijven door Hoe kan de ruimtelijke kwaliteit van bedrijventerreinen worden verhoogd? Arjan Hebly, Architecture Research Institute, over de Handreiking ruimtelijke kwaliteit bedrijventerreinen, waarin gebruikers handvatten worden geboden bij het proces om te komen tot interessante bedrijventerreinen Architectuur Lokaal 38 3 e ende architectuur Aandacht voor kwaliteit in de architectuurnota van het ministerie van Defensie Sober en doelmatig. Zo stond lange tijd de huisvesting bij de krijgsmacht bekend en de verklaring daarvoor lag voor de hand. Er mocht met belastinggeld geen buitenissige architectuur gepleegd worden. Zuinigheid met beleid was het begrijpelijke streven. Bovendien kende het departement van Defensie een functionele, om niet te zeggen pragmatische, inslag: onderdak bieden aan personeel en materieel. Veel materieel. Dan zijn esthetiek en luxe wel het laatste waar je aan denkt. Maar er iets aan het veranderen, merken de architecten bij DGW& T -letters die staan voor de Dienst Gebouwen Werken en Terreinen. De aandacht voor architectuur is de afgelopen tien jaar toegenomen, er wordt meer zorg besteed aan de verschijningsvorm en de kwaliteit van de architectuur. De laatste jaren is het aantal en de diversiteit van de nieuwe gebouwen sterk toegenomen: van een revalidatiecentrum in Doorn tot bedrijfsrestaurants in 't Harde en Roosendaal. De aandacht voor de samenhang en de kwaliteit van de complexen, kazernes en bases is ook toegenomen door stedenbouwkundige plannen als randvoorwaarden en als kader voor nieuwbouw te gebruiken. Aandacht voor architectuur Er ligt sinds het voorjaar 2002 zelfs een heuse architectuurnota met de titel Kwaliteit voor werk- en leefklimaat, architectuurbeleid bij Defensie op tafel, waarin de status van het onroerend goed van Defensie in overeenstemming wordt gebracht met de taken. Logisch dat in deze nota de gebruikswaarde van de architectuur op de eerste plaats komt, maar direct daarna wordt het belang onderstreept van de culturele waarde, in de zin van 'uitstraling, sfeer en architectuur, beleving en vormgeving'. Het is de bedoeling dat deze twee waarden, die tezamen de architectonische kwaliteit bepalen en ontleend zijn aan de eerste architectuurnota van het Rijk, door de diverse departementen en instellingen worden omgezet in daden. Historie In feite neemt architectuur al driehonderd jaar een prominente plaats in bij Defensie, toen de Genie zich ontwikkelde tot het bouwende onderdeel van het departement. Die geschiedenis laat zich niet wegpoetsen. Integendeel. Conservering van het militaire erfgoed is aan de agenda toegevoegd, niet alleen voor de eeuwenoude monumenten maar ook voor de naoorlogse kazernes die nu toe zijn aan renovatie. Jaap Huisman Dat de zorg voor de gebouwde omgeving en het interieur is verbeterd, wordt vanuit verschillende krijgsmachtdelen - de Marine, de Landmacht, de Luchtmacht en de Marechaussee - benadrukt. Sinds Defensie in 1996 van een organisatie met dienstplichtigen is overgestapt naar een beroepsleger, lijkt er op het gebied van architectuur ook sprake van een koerswending. Niet dat er voor dienstplichtigen niet behoorlijk gebouwd hoefde te worden, maar de beroepsmilitairen stellen, zo wijst de praktijk uit, hogere eisen aan hun werkomgeving om de doodeenvoudige reden dat ze er langere periodes moeten verblijven. Ze maken trouwens ook vaker calculerende afwegingen: waarom bij Defensie werken, als elders de huisvesting mooier en verzorgder is? Maritiem Hoofdkwartier Maar verfraaiing is geen doel op zich. In Den Helder was een nieuw maritiem hoofdkwartier noodzakelijk omdat een aantal gebruikers bij elkaar ging zitten, de voordien in IJmuiden gevestigde kustwacht en de operationeel samengevoegde Nederlandse en Belgische marine, die in NATO-verband vanuit Den Helder opereert. Samengevat onder de afkorting MHKABNL. De Marine coördineert vanuit dat nieuwe centrum alle vlootbewegingen ter wereld, de kustwacht herbergt er een team dat in actie komt bij calamiteiten op zee. De architect van de nieuwbouw is John Griffioen, sinds tien jaar in dienst bij de directie West van DGW&T. 'Er is voldoende vrijheid voor een architect', zegt Griffioen, 'we zitten niet vast aan bepaalde eisen. Het architectonisch denken was niet bijster ontwikkeld toen ik kwam. Maar nu zie je de vernieuwing om je heen. Er is een stijgende lijn, hoewel het nog langzaam gaat: Griffioen wijt de omslag ook aan de komst van een beroepsleger, die een wervende huisvesting aangeboden moet kunnen worden. 'De Marine', aldus Griffioen, 'mist, anders dan de Luchtmacht of de Landmacht, een eigen 'smoel'. De Landmacht kent een traditie van symmetrisch opgezette complexen, met ritme in de gevel en een strikte verdeling tussen personeel en materieel. De kazernes zijn overwegend streng. Bij de Luchtmacht bestaat er behoefte een nest te creëren, zodat je de manschappen het gevoel geeft dat ze thuiskomen. Daarom zie je daar veel lage gebouwen, dicht bij de grond, als contrast. De Marine heeft dat speciale, dat herkenbare niet: Welnu, daar is in Den Helder verandering in 4 Architectuur Lokaal 38 Inrichtingsplan Willemsoord, Den Helder Ontwerp: Bureau B+B Stedebouw en landschapsarchitectuur BV gekomen. Voor de Nieuwe Haven, waarin de Marine geconcentreerd is, is een structuurvisie ontwikkeld. Dit heeft een einde gemaakt aan de chaos aan gebouwen en richting gegeven aan een inrichtingsplan over een periode van tien jaar. Daarvan zijn nu duidelijke tekenen zichtbaar. Legeringsgebouwen zijn gerenoveerd, er is een mess toegevoegd aan het areaal en de openbare ruimte is onder handen genomen. Eenheid in bestrating en aanpassing van wegenpatronen zijn daarvan het gevolg. Van de nieuwbouw valt met name het Marine Hoofdkwartier en het Kustwacht Centrum op, alsmede de alom bejubelde woontoren voor het kader, ontworpen door het bureau Van Herk & De Kleijn. Hoe zou Griffioen de stijl typeren die hij heeft toegepast? 'Het gaat om een complex waarvan elk gebouw individueel herkenbaar moet zijn. Typerend voor de Marine is dat de vorm uit de functie moet voortvloeien. Voor het operationele deel van het Marine Hoofdkwartier in Den Helder heb ik bijvoorbeeld met metaal gewerkt, en dan krijg je al snel de associatie met een schip. In de volksmond heet het ook 'de brug'. De brug, of liever gezegd, de boeg van het schip, kijkt, over een plantsoen heen, uit richting zee, en staat met schuin geplaatste kolommen eigenwijs op de grond. De kantoren daarachter zijn daarentegen strakker van vorm en zijn bekleed met keramische platen. Marine Etablissement Kattenburg Net als bij de 'burger-architectuur' ontkomt Defensie niet aan de renovatie van de jaren zestig-blokken, die ook in Den Helder staan. Griffioen: 'Daar blijft van die maritieme gebouwen, gebouwd tussen 1963 en 1966, alleen het skelet over. De rest wordt helemaal vernieuwd.' Dat staat ook het Marine Etablissement op het eiland Kattenburg in Amsterdam te wachten, dat uit diezelfde tijd dateert. Door strengere arbo- en milieu-eisen (een betere energieprestatie) ontkomen die complexen niet aan herstructurering. Als er één complex van belang is voor het vernieuwde imago van Defensie, dan is het wel deze enclave op Kattenburg. Hier wordt o.a. al het personeel voor Defensie gekeurd. Hier vindt de eerste kennismaking plaats. En die moet wervend zijn, is de huidige overtuiging. Griffioen gniffelt. 'Vóór Defensie tekende ik als architect aan het Oosterdok en riep uit: konden we dat stukje van de Marine er maar bij krijgen. Nu zit ik aan de andere kant en besef dat dat er niet in zit. Zo'n strategische plek geef je niet op. 'Op het Marine Etablissement is ook ruimte voor nieuwbouw van de Marechaussee, de eerste paal gaat naar verwachting in het voorjaar 2003 de grond in. Een interessante opgave, want het is één van de weinige binnenstedelijke Defensie-terreinen. Luchtmachtbasis Hoe vaak komt het in Nederland voor dat er een volledig nieuwe vliegbasis kan worden gebouwd? Zolang Schiphol in zee nog een droom blijft, is het vliegveld Eindhoven daarvan het enige en sprekende voorbeeld, een vliegveld waar de burgerluchtvaart samengaat met de luchtmacht. Omdat de stad zijn oog had laten vallen op de voor woningbouw begeerlijke gronden van Welschap en de startbaan met het oog op de bebouwde omgeving verdraaid moest worden, besloot Defensie enkele jaren geleden tot een grondruil waardoor er een compleet nieuwe basis aangelegd kon worden. Het karwei was voor de directie Zuid van DGW&T zo omvangrijk dat een architectenbureau van buiten voor het ontwerp ingeschakeld moest worden: het werd het bureau De BeerNan Helmond. De opgave voor een nieuwe basis is te vergelijken met een stuk stedenbouw. Immers, de hangars, werkplaatsen, legeringsgebouwen en terminals staan gerangschikt rondom een openbare ruimte die vraagt om een zekere samenhang. Een vliegveld is in feite een intelligente compositie van logistiek en infrastructuur, met een niet onbelangrijk aandeel voor de efficiency. J. de Kanter, toegevoegd hoofd ingenieursdiensten bij de directie Zuid van DGW&T, beklemtoont net als Griffioen, dat de mentaliteit ook bij de Luchtmacht veranderd is. Er is meer zorg voor de uitvoering, een doorwrocht stedenbouwkundig plan en als stijlkenmerk is er sterke behoefte aan consistentie. 'Je kiest niet meteen de meest voor de hand liggende oplossing. Men verlangt tegenwoordig een plezierige werkomgeving. Dat stelt hogere eisen.' De architect moet daaraan tegemoet komen. Daarbij is er nog iets veranderd. Nu de koude oorlogsdreiging verleden tijd is, is er geen noodzaak meer om de gebouwen over een terrein te verstrooien zodat de vijand geen aanvalspakket krijgt aangeboden. De vernieuwde vliegbasis Eindhoven bestaat uit een 'compacte nederzetting', waar de loopafstanden gering zijn: dat is uit milieuoogpunt weer heel aantrekkelijk. Architectuur Lokaal 38 5 Eindhoven is niet de grootste luchtmachtbasis in het zuiden. Dat is VoikeI. Eindhoven is nu zo geëquipeerd dat het vier C130-transportvliegtuigen kan opvangen in hangars. Onderhoud van het materieel is een belangrijke taak van de basis: dat gebeurt in werkplaatsen met een koele - want met damwand beklede - buitenkant. De verzorgingsgebouwen wijken hiervan af met een vriendelijke gemetselde gevel. 'Nog steeds is er geen sprake van geldsmijterij', zegt De Kanter die met zijn dertig dienstjaren uit ervaring kan putten. 'De middelen zijn bescheiden. Maar we wilden ons ook niet de kans laten ontnemen een nieuwe basis in te richten, een nieuwe stad als het ware, want die kans is uniek: Onzichtbare architectuur Dat de architectonische vernieuwing bij Defensie zich goeddeels aan het zicht - en dus aan de publiciteitonttrekt, is verklaarbaar. De terreinen liggen ver van de (bewoonde) wereld, bij Havelte of Oldebroek, bij Eibergen of Woensdrecht, en zijn ook niet publiek toegankelijk. Stadskazernes zijn grotendeels geschiedenis geworden. Bovendien maakt Defensie, enkele uitzonderingen daargelaten, gebruik van DGW&T, het eigen architecten- en ingenieursbureau, dat verdeeld is over drie directies, West, Noord en Zuid. Voor de architecten is de nota Belvedere, waarin gepoogd wordt een balans tussen het bestaande landschap en ontwikkeling te vinden, een interessante leidraad, omdat de landschappelijke ligging van veel Defensielocaties onovertroffen is. De kazerne voor de landmacht in Oldebroek lijkt daar op een voorbeeldige manier aan te voldoen. Het centrum voor de afdeling Beproevingen van Arthur van Noort, opgeleverd in 1999, springt als een schans uit de bossen tevoorschijn en speelt daarbij in op hoogteverschillen van de legerplaats. 'De architectuur vervloeit met het landschap, maar dat niet alleen, de gang van120 meter lang, oplopend van drie naar twaalf meter, dient als een sociale ontmoetingsplaats', licht Van Noort toe. Hiervoor zat de afdeling Beproevingen verspreid over het land, met een vestiging in Zaandam en een in Den Haag. 'Ik wilde een sociale samenhang bereiken: De gang is de ruggengraat van het gebouwen ontsluit blokken waarin garages, kantoren, magazijnen en werkplaatsen zijn ondergebracht. Om die gang te onderscheiden van de functionele ruimtes, die aan weerszijden gesitueerd zijn, heeft Van Noort die gevels bekleed met western red cedar, en de 'uitstulpingen' met aluminium. Het markante beproevingscentrum bereidt het testen van explosieven en munitie voor. Het echte beproevingsgebouw heeft Van Noort elders op het kazerneterrein als het ware ingegraven; het laat zich alleen herkennen aan de roodwit geblokte personeelsingang. Dit is een voor Europa unieke 'meettunnel' van 300 meter lang, waar in een veilige en beschutte omgeving geschoten kan worden - en waar de loodresten na het testen op een verantwoorde manier kunnen worden opgeruimd. Geen rangen en standen 'Als je van architectuur in een stedelijke omgeving houdt, moet je niet bij Defensie werken', zegt architect Leen van Gaaien, sinds elf jaar werkzaam bij DGW&T directie Noord. 'Het interessantste is een koppeling te zoeken tussen natuur en cultuur, tussen landschap en architectuur: Vorig jaar voltooide hij het bedrijfsrestaurant voor de Johannes Postkazerne in Havelte, op de as van het kazerneterrein waar vroeger een soldaten- en korporaalseetzaal stond. Met de invoering van een beroepsleger is er ook iets veranderd aan dat type accommodatie. De aparte eetzalen voor soldaten, onderofficieren en officieren zijn opgeheven. De kazerne heeft nu vaak een all ranks-restaurant, dat ook nog eens gecombineerd wordt met een recreatiezaal. Net zoals op het vliegveld Eindhoven zijn de woongebouwen zo veel mogelijk geconcentreerd. Van Gaaien: 'We hebben een campus proberen te maken: Tussen de 1200 en 1500 militairen maken gebruik van het restaurant. De soberheid is er ook bij de landmacht van af. De eetzaal moet gezellig zijn, een huiselijke sfeer uitstralen. Dat houdt in warme materialen en een lichte ruimte. 'Als je terugkeert van oefening moet je het gevoel krijgen thuis te komen', zegt Van Gaaien. De Landmacht heeft een ander karakter dan de luchtmacht, vindt hij, want de laatste is dynamisch, terwijl een landmacht-object op zichzelf staat, afgelegen van de buitenwereld. Het restaurant is niet alleen bedoeld als ontmoetingsplek op het kazerneterrein, het is ook een logistiek bedrijf. Het biedt operationele ondersteuning: er worden maaltijden bereid, die tijdens de oefening worden genuttigd. Dat betekent dat er veel omgaat in die keuken en dat de hygiënecodes moeten worden nageleefd. Klimaatsverandering 'Architectuur', zegt Van Gaaien, 'wordt sinds de invoering van het beroepsleger in 1996 niet meer louter benaderd vanuit praktisch oogpunt. De kazerne is nog wel een machine maar één die er goed aangekleed en bijzonder uit mag zien. In dat opzicht is het voor architecten een stuk leuker geworden: Waarbij Van Gaaien zich een kanttekening veroorlooft: in de woongebouwen grijpt Defensie nog terug op een beproefd standaardtype, toegepast van 't Harde tot Oirschot. 'Doelmatige woningen zijn het. Je zou de discussie moeten aangaan of je niet meer moet variëren om te voldoen aan de lokale behoeften: De Marine speelt op die behoefte al in door zijn personeel een woontoren in Den Helder aan te bieden met uiteenlopende plattegronden. Van Noort verliet DGW&T na zes jaar omdat hij ook wel eens scholen en woningen wilde ontwerpen. Desondanks staat hij nog met één been binnen Defensie: voor de marine ontwierp hij een helikopteronderhoudsbedrijf in Den Helder. Door zijn relatieve afstand kan hij nuchter tegen de ontwikkelingen bij het departement aankijken. 'Het klimaat voor architectuur is sterk verbeterd omdat er op alle niveaus aandacht voor is', constateert hij. 'Dat er bij Defensie een kwaliteitssprong gemaakt kan worden, komt doordat alle disciplines in één organisatie zitten: DGW&T waar je landschapsarchitecten, stedenbouwers, architecten bij elkaar hebt, maar ook de deskundigen op het gebied van techniek, onderhoud en beheer. Als je alle faciliteiten en kennis in één hand hebt, kun je het architectuurklimaat sturen. Dan kun je het ook handhaven: Want goed bouwen is één, goed houden is twee. Legerplaats Oldebroek Foto: Minsterie van Defensie Foto linkerpagina: Vliegveld Eindhoven Foto: Ministerie van Defensie, Fotovlucht Soesterberg Informatie In het voorjaar 2002 is de nota Kwaliteit voor werk en leefklimaat, het architectuurbeleid voor Defensie verschenen. Naast de nota is er ook een verkorte versie in de vorm van een brochure verkrijgbaar bij het Ministerie van Defensie. Ministerie van Defensie DGW&T, Centrale Directie, Kenniscentrum Vastgoed Ir. G.WO.Boissevain Postbus ES Den Haag T F E W Architectuur Lokaal 38 7 de Nacht van de Architectuur in Leeuwarden, gaf burgemeester de Boer haar visie op opdrachtgeverschap en bouwproces in de gemeente. Onlangs is de nieuwe Stadsvisie vastgesteld. 'Het Rijk en het provinciaal bestuur zouden gemeenten minder moeten afrekenen op het gerealiseerde aantal woningen, maar meer op de kwaliteit ervan'. In dit artikel een weergave van haar inleiding in het Tryater, het door Heijdeman / Tuinstra architecten uit Leeuwarden verbouwde theater. 'Het was een echt interessante gemeenteraadsvergadering in Leeuwarden, op 24 juni, met veel publieke belangstelling. Het ging over de plannen om onder het Oldehoofsterkerkhof een parkeergarage aan te leggen. Het voorstel werd echter met 29 stemmen tegen en 6 voor overtuigend verworpen. Het debat ging zijdelings over de noodzaak van een parkeergarage. Daarvan leek iedereen wel overtuigd. Het ging meer over de aantasti
Similar documents
View more...
Search Related
We Need Your Support
Thank you for visiting our website and your interest in our free products and services. We are nonprofit website to share and download documents. To the running of this website, we need your help to support us.

Thanks to everyone for your continued support.

No, Thanks